Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de man, bijgestaan door mr. Waals;
- de vrouw, bijgestaan door mr. Heslinga en mevrouw A.D. Tjallema-Kharitonova, als geregistreerd tolk.
- de brief met bijlagen van de advocaat van de vrouw d.d. 3 maart 2015;
- de brief met bijlagen van de advocaat van de man d.d. 6 maart 2015;
- de brief met bijlagen van de advocaat van de man d.d. 9 maart 2015.
3.De beoordeling
(…)
- bepaald dat de man vanaf de dag waarop de echtscheidingsbeschikking zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand gedurende één jaar aan de vrouw voor haar levensonderhoud dient te betalen een bedrag van € 3.167,- per maand, telkens bij voortuitbetaling te voldoen;
- bepaald dat de verplichting van de man tot betaling van een uitkering tot levensonderhoud aan de vrouw eindigt met ingang van de dag één jaar na inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in het register van de burgerlijke stand;
- bepaald dat de man in het kader van de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden ten aanzien van het verrekenbeding aan de vrouw een bedrag dient te betalen van € 16.339,73;
- bepaald dat de vrouw de iPhone, TomTom en autosleutels aan de man zal afgeven en dat zij in onderling overleg met de advocaten van partijen zullen bepalen hoe en wanneer dit zal gebeuren;
- de beslissing met betrekking tot de uitkering in het levensonderhoud uitvoerbaar bij voorraad verklaard;
- het meer of anders verzochte afgewezen.
- partneralimentatie (grieven 1 tot en met 3 incidenteel appel);
- afwikkeling huwelijkse voorwaarden (grieven 1 tot en met 4 principaal appel).
Ten aanzien van het primaire verzoek van de vrouw overweegt de rechtbank als volgt.