Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/03/194796 KG ZA 14/432)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie van grieven tevens wijziging van eis met producties;
- de memorie van antwoord;
- het pleidooi, waarbij partijen pleitnotities hebben overgelegd.
3.De beoordeling
“(…) verpandt de pandgever – voor zover nodig bij voorraad – aan de bank, die deze verpanding aanvaardt, alle vorderingen die hij tegenover de bank nu of te eniger tijd kan doen gelden uit hoofde van: opING Bank Depositorekening, rekening nummer [ING depositorekeningnummer]geplaatste/geboekte gelden tot een totaalbedrag van EUR240.000,-”.
In de pandakte is verder vermeld dat [appellant] zonder toestemming van de bank niet over het verpande goed kan beschikken.
“(…) De eerder getekende pandakte, waarin de Spaarrekening [rekeningnummer Toprente Spaarrekening] genoemd is, is niet meer correct. Deze rekening is namelijk afgewikkeld ten gunste van rekening [geblokkeerde rekeningnummer]. Op deze laatste rekening is het bedrag van EUR 240.000,00 geblokkeerd.”
“(…) verpandt de pandgever – voor zover nodig bij voorbaat – aan de bank, die deze verpanding aanvaardt, alle vorderingen die hij tegenover de bank nu of te eniger tijd kan doen gelden uit hoofde van: opSpaarrekeninggeplaatste/geboekte gelden tot een totaalbedrag vanEUR 240.000,-”
“te weten: de op 16 juli 2007 afgegeven verpanding van creditgelden, deposito’s en spaargelden ten bedrage van € 240.000,- exclusief renten en kosten”.