Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- mevrouw [bewindvoerder], hierna te noemen: de bewindvoerder;
- mevrouw [beschermingsbewindvoerder], hierna te noemen: de beschermingsbewindvoerder.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Appellante is toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) en verplicht tot het nakomen van onder meer een informatie- en sollicitatieplicht. De rechtbank beëindigde de regeling tussentijds omdat appellante onvoldoende informatie verstrekte en niet aantoonbaar solliciteerde, ondanks waarschuwingen en tijdelijke vrijstellingen.
In hoger beroep betoogde appellante dat haar tekortkomingen niet verwijtbaar zijn vanwege haar persoonlijke omstandigheden, waaronder de zorg voor vijf minderjarige kinderen en een echtscheidingsprocedure. Zij stelde dat de beschermingsbewindvoerder haar informatieverplichting heeft vervuld en dat zij met hulp van een gezinsbehandelaar beter aan haar verplichtingen kan voldoen.
Het hof oordeelde dat appellante ernstig en verwijtbaar tekort is geschoten in haar verplichtingen. De persoonlijke omstandigheden en hulpverlening bieden onvoldoende grond om de regeling voort te zetten of te verlengen. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en beëindigde de schuldsaneringsregeling tussentijds zonder schone lei.
Uitkomst: De tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling wordt bekrachtigd wegens ernstige en verwijtbare tekortkomingen in de informatie- en sollicitatieplicht.