Uitspraak
s-HERTOGENBOSCH
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze zaak is het verzoek van de vader om zijn minderjarige zoon onder toezicht te stellen door het hof beoordeeld. De vader stelde dat zijn zoon ondanks intelligentie onder zijn niveau presteert, problemen heeft op school en betrokken was bij een vechtpartij. Hij voerde aan dat de verstoorde communicatie tussen ouders de situatie verergert en dat een gezinsvoogd de communicatie en opvoeding zou moeten verbeteren.
De moeder betwistte dat er sprake is van gedragsproblemen of een verstoorde communicatie en stelde dat de zoon hulp krijgt van een psycholoog en een concentratietraining volgt, met goede schoolresultaten. De Raad voor de Kinderbescherming constateerde wel zorgen, maar geen bedreiging van de ontwikkeling.
Het hof overwoog dat op grond van artikel 1:254 oud Pro BW een ondertoezichtstelling alleen kan worden uitgesproken indien de ontwikkeling ernstig wordt bedreigd en andere middelen hebben gefaald. Het hof vond dat de vader onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de zoon in zijn ontwikkeling wordt bedreigd of dat hulpverlening in een gedwongen kader noodzakelijk is. De rechtbank had het verzoek terecht afgewezen en het hof bekrachtigde deze beslissing.
De proceskosten werden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. De mediationpoging was mislukt, waarna het hof op basis van het dossier en de zitting heeft beslist.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het verzoek tot ondertoezichtstelling omdat geen ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de minderjarige is vastgesteld.