Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geintimeerde 1.],
[geintimeerde 2.],
5.Het tussenarrest van 13 november 2012
6.Het verdere verloop van de procedure
7.De verdere beoordeling
overeengekomen(en niet een prijs van € 850,00 inclusief btw).
overeengekomendat hij naast het leveren en leggen van de vloerverwarming, ook zou zorgen voor het afmonteren van de vloerverwarming (aansluiten op de elektriciteit). Hoe dit verder ook zij, de partijgetuigenverklaringen van [geintimeerde 1.] en [geintimeerde 2.] vinden geen steun in andere getuigenverklaringen of andere bewijsmiddelen en kunnen daardoor geen bewijs in hun voordeel opleveren. Dat betekent dat [geintimeerden] c.s. niet hebben bewezen dat zij met [appellant] zijn overeengekomen dat hij ook zou zorgdragen voor het afmonteren van de elektrische vloerverwarming.
- € 100,00 voor de koop van de brievenbus
- € 850,00 voor de aanleg van de vloerverwarming
- de niet sluitende deur in de speelkamer (naar de woonkamer);
- de ontbrekende dimmer en de niet afgewerkte wandcontactdoos in de speelkamer;
- de niet afgewerkte wandcontactdoos in de woonkamer.
veronderstellenderwijzevan is uitgegaan dat op [geintimeerden] c.s. een meldingsplicht rustte.
veronderstellenderwijzeuitgegaan van de juistheid van de – door [geintimeerden] c.s. betwiste – stelling van [appellant] dat deze meldingsplicht op hen rustte. Zoals gezegd, betreft dit laatste geen bindende eindbeslissing.
voorvraagnamelijk wat hebben partijen afgesproken omtrent de lekkage. In r.o. 4.16.2 van het tussenarrest is die vraag vervolgens inhoudelijk beoordeeld door het hof. Daarbij heeft het hof geoordeeld dat [geintimeerden] c.s. onvoldoende hebben onderbouwd dat [appellant] in verzuim is geraakt. Daartoe heeft het hof overwogen dat de stelling van [geintimeerden] c.s. dat partijen zijn overeengekomen dat [appellant] uiterlijk op 2 juli 2008 de lekkage zou herstellen dan wel uiterlijk op die datum een plan van aanpak voor het oplossen van de lekkage over zou leggen, als onvoldoende onderbouwd moet worden gepasseerd. Vervolgens heeft het hof geoordeeld dat [appellant] ook niet op andere wijze in verzuim is geraakt voor 31 juli 2008, zodat de verbintenis van [appellant] om de lekkage en de gevolgen daarvan te verhelpen bij brief van 31 juli 2008 niet door [geintimeerden] c.s. kon worden omgezet in een verbintenis tot het betalen van vervangende schadevergoeding.
veronderstellenderwijzevan is uitgegaan dat op [geintimeerden] c.s. een meldingsplicht rustte, dus niet mee dat bedoelde eindbeslissingen op een onjuiste juridische of feitelijke grondslag berusten. Verder zijn de stellingen die [geintimeerden] c.s. met betrekking tot de lekkage bij memorie na enquête hebben ingenomen ofwel reeds inhoudelijk beoordeeld in r.o. 4.16.2 van het tussenarrest ofwel deze stellingen betreffen slechts een aanvulling op hun in eerste aanleg en/of memorie van antwoord ingenomen stellingen, terwijl het hof bij voormeld tussenarrest heeft geoordeeld dat [geintimeerden] c.s. met deze stellingen onvoldoende hebben onderbouwd dat [appellant] in verzuim is geraakt. Voor zover sprake is van aanvullende stellingen heeft te gelden dat die reeds bij memorie van antwoord hadden kunnen en moeten worden ingenomen. Het zou in strijd komen met de zogenaamde twee-conclusie-regel om de aanvullingen van [geintimeerden] c.s. op hun stellingen, waarvan het hof bij voormeld tussenarrest heeft geoordeeld dat deze onvoldoende waren, alsnog in de beoordeling te betrekken.
- de aanlopende lades en scheve ladegrepen van het badkamermeubel te verhelpen;
- een kitrand aan te brengen aan de bovenzijde van de badkamerspiegel; en
- een roostertje van de gashaard te vervangen.
€ 12,00
€ 2,94
€ 2,02
€ 19,56