Parketnummer : 20-003600-13
Uitspraak : 15 april 2014
TEGENSPRAAK
Promis
Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof
's-Hertogenbosch
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank
Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 25 oktober 2013 in de strafzaak met parketnummer 02-800091-13 tegen:
[verdachte],
geboren te Breda [in 1981],
wonende te [woonadres],
thans gedetineerd in Penitentiaire Inrichting Limburg Zuid - Gevangenis De Geerhorst te Sittard.
Bij voormeld vonnis is de verdachte ter zake van het, in vereniging, plegen van twee overvallen op supermarkten
(feiten 1 en 4)en het plegen van verduistering
(feit 5)veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 jaren, met aftrek van voorarrest.
Tevens heeft de rechtbank beslist over schadevergoeding aan de benadeelde partijen en over in beslag genomen voorwerpen.
Verdachte is vrijgesproken van de onder 2 ten laste gelegde overval en de onder 3 ten laste gelegde poging tot doodslag dan wel het toebrengen van zwaar lichamelijk letsel en/of poging overval.
De verdachte en de officier van justitie hebben tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.
Omvang van het hoger beroep
De rechtbank heeft de vordering van de benadeelde partij [A] afgewezen.
Nu de benadeelde partij zich in hoger beroep niet opnieuw heeft gevoegd, is deze vordering in hoger beroep niet meer aan de orde.
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.
De advocaat-generaal heeft:
gevorderd dat het gerechtshof het beroepen vonnis zal vernietigen en, opnieuw rechtdoende, verdachte vrij zal spreken van het ten laste gelegde onder 3, de onder 1, 2, 4 en 5 ten laste gelegde feiten bewezen zal verklaren en de verdachte daarvoor zal veroordelen tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 jaren, met aftrek van voorarrest;
een standpunt ingenomen ten aanzien van de vorderingen van de benadeelde partijen, een en ander zoals in het arrest vermeld onder het kopje ‘Vorderingen van de benadeelde partijen’;
gevorderd dat het gerechtshof de beslissing van de rechtbank zal volgen omtrent de in beslag genomen voorwerpen.
primair integrale vrijspraak bepleit, zodat de benadeelde partijen in dat geval
niet-ontvankelijk zullen moeten worden verklaard in hun vordering;
subsidiair, in geval van veroordeling, een strafmaatverweer gevoerd alsmede bepleit dat wat betreft de vorderingen van de benadeelde partijen aansluiting zal worden gezocht bij de beslissing van de rechtbank hieromtrent.
Het beroepen vonnis zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere bewezenverklaring komt dan de rechtbank en het wat betreft het onder 2 ten laste gelegde tot een andere beslissing komt dan de rechtbank.
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
1.
hij op of omstreeks 03 januari 2013 te Steenderen, gemeente Bronckhorst, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de afgifte van in totaal -circa- 2453,17 euro en/of een aantal pakjes sigaretten (Marlboro), in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Coop Supermarkt en/of
[A], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(s)
- met (een) bivakmuts(en) op zijn/hun hoofd(en) de winkel is/zijn binnen gekomen en/of
- zichtbaar voor die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in (een) zijner handen heeft gehouden en/of dat vuurwapen, althans dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp gericht (gehouden) op die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en/of
- die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, -zakelijk weergegeven- opzettelijk dreigend de woorden heeft/hebben toegevoegd: “Ik wil het geld uit de kluis” en/of “dit duurt te lang” en/of “dat ze nog sigaretten wilde(n)”, althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of strekking;
2.
hij op of omstreeks 10 januari 2013 te Nieuwendijk, gemeente Werkendam, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van in totaal -circa- 1.981,82 euro, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] en/of COOP supermarkt, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 3] en/of
[slachtoffer 4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,
en/of
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag van in totaal -circa- 1.981,82 euro, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] en/of
COOP Supermarkt, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte,
- met een bivakmuts op zijn hoofd de supermarkt COOP is binnen gegaan en/of
- zichtbaar voor die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in een zijner handen heeft gehouden en/of dat vuurwapen, althans het op een vuurwapen gelijkend voorwerp, heeft gericht op die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] en/of (daarbij) opzettelijk dreigend meermalen, althans eenmaal,
-zakelijk weergegeven- die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] de woorden heeft toegevoegd: “de kassa la open” en/of “Je kan de kassa la toch wel openen” en/of “Geld, kassa” en/of “Hebben jullie nog meer” en/of “Is dit alles” en/of “Maak deze ook maar open” en/of “Het zijn barre tijden meneer”, althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of strekking;
3.
hij op of omstreeks 25 januari 2013 te Waspik, gemeente Waalwijk, ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om opzettelijk [slachtoffer 5] van het leven te beroven, althans zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet meermalen, althans eenmaal, naar/in de richting van die Kanata heeft geschoten, althans twee/een schot(en) heeft gelost naar/in de richting van die [slachtoffer 5], terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
en/of
hij op of omstreeks 25 januari 2013 te Waspik, gemeente Waalwijk, op of aan de openbare weg, te weten het Dorpsplein, althans op of aan een openbare weg, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 5] te dwingen tot de afgifte van geld, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, hebbende en/of zijnde hij, verdachte, (terwijl hij een bivakmuts op zijn hoofd had), een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, gericht (gehouden) op die [slachtoffer 5] en/of (aldus) naar die [slachtoffer 5] toegelopen en/of twee/een schot(en) gelost met dat vuurwapen, althans met dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op/naar/in de richting van die [slachtoffer 5] en/of die [slachtoffer 5] meermalen, althans eenmaal, opzettelijk dreigend, -zakelijk weergegeven- de woorden toegevoegd: “Ik kom u overvallen, geld geven” en/of “Ik maak geen grapje, je moet al het geld geven”, althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of strekking, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
4.
hij op of omstreeks 28 januari 2013 te Waspik, gemeente Waalwijk, tezamen en in vereniging met een ander of anderen althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van in totaal
-circa- 4.990,94 euro, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] en/of PLUS supermarkt, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 8], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,
en/of
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 8] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag van in totaal -circa- 4.990,94 euro, in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] en/of [slachtoffer 7] en/of PLUS Supermarkt, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(s)
- met een bivakmuts op zijn/hun hoofd de supermarkt PLUS is/zijn binnen gegaan en/of
- zichtbaar voor die [slachtoffer 8] een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in een zijner handen gehouden en/of dat vuurwapen, althans het op een vuurwapen gelijkend voorwerp, heeft gericht op die [slachtoffer 8] en/of (daarbij) opzettelijk dreigend meermalen, althans eenmaal, -zakelijk weergegeven- die [slachtoffer 8] de woorden heeft toegevoegd: “maak open” en/of “gewoon iets aanslaan en dan openen” en/of “waar is het grote geld” en/of “pak het even” en/of “2.000 euro rijker, sorry meisje, crisis”, althans woorden van soortgelijke dreigende aard en/of strekking;
5.
hij in of omstreeks de periode van 30 november 2012 tot en met 28 januari 2013 te Chaam, gemeente Alphen Chaam en/of te Oosterhout en/of te Gilze opzettelijk een (personen)auto (Kia Carens), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welk(e) goed(eren) verdachte anders dan door misdrijf, te weten met het doel om deze auto te kopen onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten of omissies voorkwamen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Met de advocaat-generaal en de verdediging en gelijk de rechtbank is het hof van oordeel dat het dossier onvoldoende wettig en overtuigend bewijs bevat dat verdachte het onder 3 ten laste gelegde heeft begaan, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.
Bijzondere overwegingen omtrent het bewijs
Feit 1
De verdediging heeft bepleit dat verdachte van dit feit zal worden vrijgesproken.
Daartoe is (kort gezegd) aangevoerd dat verdachte op 3 januari 2013 wel in de pizzeria en de Coop in Steenderen is geweest, maar niet de overval heeft gepleegd. Hij droeg die dag niet de in beslaggenomen zwarte Pierre Cardin jas, dat blijkt evenmin uit het dossier. Bovendien blijkt onvoldoende dat dit dezelfde jas is als de jas van de overvaller.
Verder kan op basis van de camerabeelden geen identificatie van de dader plaatsvinden, zodat verdachte evenmin op basis van de beelden kan worden aangewezen als dader. Het signalement dat van de overvaller in de zwarte jas is gegeven is zo algemeen dat velen daaronder kunnen vallen, terwijl ook het signalement van de tweede overvaller te algemeen is, zodat niet kan worden gesteld dat dit medeverdachte [medeverdachte] moet zijn geweest.
De beelden van de auto zijn onduidelijk en bovendien is deze auto niet te linken aan de overvallers. De politie heeft via internetonderzoek toegeredeneerd naar een vooraf gedane conclusie. Voorts is niet gerechercheerd naar door getuigen genoemde potentiële andere verdachten. Er is derhalve onvoldoende wettig en overtuigend bewijs voor een veroordeling.
Het hof overweegt het volgende.
Het hof stelt op grond van het onderzoek ter terechtzitting ten eerste vast dat verdachte past in het specifieke signalement dat is gegeven van de overvaller. Anders dan de raadsman is het hof van oordeel dat een signalement van een man van ongeveer 1.90 meter lang en een dik/fors postuur, zoals dat door getuigen is gegeven en zoals ook is gebleken uit de foto van de overvaller in de zwarte jas, geenszins is aan te merken als een vrij algemeen signalement waar veel personen onder kunnen vallen.
Gelet op de omstandigheden dat:
de lange zwarte jas van een van de twee overvallers sterke overeenkomsten vertoont met de in beslaggenomen Pierre Cardin jas;
verdachte heeft verklaard dat de in beslaggenomen Pierre Cardin jas aan hem toebehoort;
in de in beslaggenomen Pierre Cardin jas op naam van verdachte gestelde documenten zijn aangetroffen, waaronder een paspoort op naam van verdachte;
getuige [getuige 1] ongeveer een uur voor de overval een grote dikke man met een lange zwarte jas zijn pizzeria binnen heeft zien komen;
trekt het hof, anders dan door en namens verdachte is gesteld, de conclusie dat verdachte op 3 januari 2013 wel degelijk de genoemde Pierre Cardin jas heeft gedragen.
Gelet op de omstandigheden dat:
de zwarte jas met bontkraag van een van de twee overvallers sterke overeenkomsten vertoont met de in beslaggenomen jas die is aangetroffen in de [adres] te Gilze;
medeverdachte [medeverdachte] is aangehouden in genoemde woning en daar kennelijk verbleef;
getuige [getuige 2] [medeverdachte] heeft herkend op de beelden van de pizzeria en het hof er, zoals overwogen bij bewijsmiddel 12, vanuit gaat dat de getuige daarmee doelde op de persoon met de zwarte jas met bontkraag;
trekt het hof de conclusie dat medeverdachte [medeverdachte] samen met verdachte op de camerabeelden van de pizzeria is te zien.
Op grond van de inhoud van de bewijsmiddelen en op grond van de voorgaande conclusies gaat het hof er vanuit dat verdachte en medeverdachte [medeverdachte] op 3 januari 2013, ongeveer een uur voor de overval, bij de pizzeria Haj in Steenderen zijn geweest en dat verdachte kort daarvoor alleen in de Coop in Steenderen is geweest.
Uit de bewijsmiddelen blijkt verder dat:
de overvallers gebruik hebben gemaakt van een grijze personenauto;
de auto op de camerabeelden hoogst waarschijnlijk het meest gelijkenis vertoont met een Kia Carens, een 5-deurs auto;
verdachte de beschikking had over een Kia Carens.
Bij de overval is gebruik gemaakt van bivakmutsen, een tas van Jumbo en een op een vuurwapen gelijkend voorwerp. Bivakmutsen, een tas van Jumbo en een vuurwapen, alsmede de hiervoor genoemde jassen, zijn aangetroffen in de woning aan de [adres] te Gilze, de woning waar verdachte en medeverdachte [medeverdachte] verbleven en door de politie zijn aangehouden.
Op grond van al het voorgaande alsmede de inhoud van de bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang en (tijds)verband beschouwd is het hof van oordeel dat het geenszins aannemelijk is geworden dat een andere man met het voorkomen van verdachte, met de huisgenoot van verdachte de overval heeft gepleegd, zodat het naar het oordeel van het hof niet anders kan dan dat verdachte en medeverdachte [medeverdachte] de overval op de Coop supermarkt in Steenderen op 3 januari 10 januari 2013 hebben gepleegd. Hetgeen de raadsman heeft aangevoerd leidt niet tot een ander oordeel.
Het hof verwerpt het verweer.
Feit 2
De verdediging heeft bepleit dat verdachte van dit feit zal worden vrijgesproken.
Daartoe is (kort gezegd) aangevoerd dat verdachte zijn betrokkenheid bij de overval ontkent en het dossier onvoldoende bewijs bevat voor het tegendeel. De camerabeelden van de overval geven een vrij algemeen signalement van de dader waar veel personen onder kunnen vallen. Bovendien hebben getuigen verklaard dat het ging om een man van
40-50 jaar oud en zonder Brabants accent, terwijl verdachte aanzienlijk jonger is en met een Brabants accent spreekt. Er is niet meer bewijs dan dat een man in zwarte kleding een overval heeft gepleegd. Dat is te weinig voor een veroordeling.
Het hof overweegt het volgende.
Het hof stelt ten eerste vast dat verdachte past in het specifieke signalement dat is gegeven van de overvaller. Anders dan de raadsman is het hof van oordeel dat een signalement van een man van ongeveer 1.90 meter lang en een dik/fors postuur, zoals dat door getuigen is gegeven en zoals ook is gebleken uit de foto van de overvaller, geenszins is aan te merken als een vrij algemeen signalement waar veel personen onder kunnen vallen.
Op grond van de omstandigheden dat:
de jas van de overvaller sterke overeenkomsten vertoont met de onder verdachte in beslaggenomen Pierre Cardin jas;
verdachte heeft verklaard dat de in beslaggenomen Pierre Cardin jas aan hem toebehoort;
in die in beslaggenomen jas op naam van verdachte gestelde documenten zijn aangetroffen, waaronder een paspoort op naam van verdachte;
trekt het hof de conclusie dat verdachte genoemde Pierre Cardin jas op enig moment heeft gedragen.
Voorts volgt uit de bewijsmiddelen dat in de woning waar verdachte verbleef een bivakmuts, een vuurwapen, een Jumbo tas en een zwarte Pierre Cardin zijn aangetroffen en in beslaggenomen. Het hof stelt vast dat dit voorwerpen zijn die gelijkenis vertonen met de voorwerpen die door de overvaller zijn gebruikt.
Het hof is van oordeel dat geenszins aannemelijk is geworden dat een andere man met hetzelfde voorkomen als verdachte de overval heeft gepleegd, nu er geen enkele concrete aanwijzing is dat een andere man dan verdachte, met hetzelfde postuur als verdachte, eveneens in de woning aan de [adres] te Gilze verbleef en dat die persoon eveneens voornoemde of soortgelijke in beslaggenomen voorwerpen tot zijn beschikking had.
Op grond van het voorgaande alsmede de inhoud van de bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang en verband beschouwd, kan het naar het oordeel van het hof niet anders dan dat verdachte ook de overval op de Coop supermarkt in Nieuwendijk op 10 januari 2013 heeft gepleegd. Hetgeen de raadsman heeft aangevoerd leidt niet tot een ander oordeel.
Het hof verwerpt het verweer.
Feit 4
De verdediging heeft bepleit dat verdachte van dit feit zal worden vrijgesproken.
Daartoe is (kort gezegd) aangevoerd dat de camerabeelden van de overval een vrij algemeen signalement van de dader geven waar veel personen onder kunnen vallen.
Er zijn goederen in de woning waar verdachte verbleef aangetroffen die zouden zijn te linken aan de overval, maar het valt niet uit te sluiten dat anderen dan verdachte van die voorwerpen gebruik hebben gemaakt. Getuige[getuige 3] heeft verklaard over een grijze auto en omschrijft een man van ongeveer 1.80 meter lang en met een fors postuur, maar niet dik of vadsig. Dit kan verdachte, bijna 2.00 meter lang en 150 kilogram wegend niet zijn. Bovendien kan geen link worden gelegd met verdachte via zijn auto, aangezien vele anderen die auto gebruikten. Als laatste heeft verdachte een verklaring gegeven voor het aantreffen van zijn DNA op de tape en kentekenplaten, die zijn aangetroffen in de woning waar hij verbleef. Aldus is er onvoldoende bewijs voor een veroordeling.
Het hof overweegt het volgende.
Het hof constateert dat het signalement van de grote en forse overvaller in belangrijke mate overeenkomt met dat van verdachte.
Voort stelt het hof aan de hand van de foto’s die zich bij de bewijsmiddelen bevinden van de zwarte jas die de ene overvaller droeg en de witte trui met opschrift “32” die de andere overvaller droeg alsmede de foto’s van de in de woning waar verdachte en medeverdachte [medeverdachte] verbleven aangetroffen zwarte Pierre Cardin jas en de witte trui met opschrift “32” vast, dat de jassen onderling en de truien onderling sterk met elkaar overeenkomen.
Op grond van de inhoud van de bewijsmiddelen trekt het hof bovendien de volgende conclusies:
Verdachte heeft op enig moment de in zijn woning in beslaggenomen zwarte
Pierre Cardin jas gedragen;
Medeverdachte [medeverdachte] heeft op enig moment de in beslaggenomen witte trui cq. vest met opschrift “32” gedragen;
Getuige [getuige 3] heeft, gelet op het tijdstip van zijn waarnemingen, de overeenkomst tussen het opgegeven signalement van de twee mannen en het signalement van de overvallers en het feit dat de Plus supermarkt is gevestigd aan de Kerkstraat in Waspik, de daders van de overval gezien, waardoor naar het oordeel van het hof tevens vast staat dat de daders van de overval gebruik hebben gemaakt van een auto met het kenteken [kenteken 1];
Verdachte heeft, gelet op het aantreffen van zijn DNA op de tape op een van de kentekenplaten in combinatie met het feit dat de kentekenplaat met de tape is aangetroffen in de woning van verdachte, de tape op de kentekenplaat met kenteken [kenteken 1] aangeraakt;
Medeverdachte [medeverdachte] heeft één van de kassabakjes die in de woning aan de [adres] te Gilze zijn aangetroffen vastgepakt.
Verder blijkt uit de bewijsmiddelen:
dat de overval is gepleegd door twee mannen;
dat de twee overvallers een gele Jumbo tas bij zich hadden, terwijl een dergelijke tas ook is aangetroffen in de woning waar verdachte en medeverdachte [medeverdachte] verbleven;
dat bij de overval kassabakjes zijn weggenomen;
dat in de woning waar verdachte en medeverdachte [medeverdachte] verbleven dergelijke kassabakjes zijn aangetroffen, die [slachtoffer 6] heeft herkend als identiek aan de kassabakjes die zijn weggenomen.
Op grond van hetgeen het hof hiervoor heeft overwogen alsmede de inhoud van de bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang en verband beschouwd, kan het naar het oordeel van het hof niet anders dan dat verdachte en medeverdachte [medeverdachte] de overval op de Plus supermarkt op 28 januari 2013 in Waspik hebben gepleegd. Hetgeen de raadsman heeft aangevoerd leidt niet tot een ander oordeel.
Uit de bewijsmiddelen blijkt dat een deel van het weggenomen geldbedrag door verdachte en zijn mededader [medeverdachte] is gepakt en een deel door aangeefster aan de overvallers is afgegeven, zodat het hof bij de bewezen verklaring uit gaat van diefstal met geweld en afpersing.
Het hof verwerpt het verweer.
Feit 5
De verdediging heeft bepleit dat verdachte van dit feit zal worden vrijgesproken.
Daartoe is (kort gezegd) aangevoerd dat sprake is geweest van communicatieproblemen en misverstanden, maar dat verdachte niet het opzet had om zich de auto wederrechtelijk toe te eigenen. Door de vader van verdachte was bedoeld aangifte te doen van vermissing van de auto, omdat verdachte onbereikbaar was.
Het hof overweegt het volgende.
Het hof leidt uit het dossier af dat de Kia Carens met kenteken [kenteken 2] op naam stond van de vader van verdachte, [benadeelde 1] – die aangifte heeft gedaan van verduistering mede namens zijn broer [benadeelde 2] – maar dat laatstgenoemde eigenaar is van de auto.
Uit de bewijsmiddelen blijkt dat verdachte de Kia Carens op 30 november 2012 heeft meegenomen, dat hij van deze auto gebruik heeft gemaakt en dat hij op de afgesproken datum van 4 december 2012 de auto niet heeft betaald. Verdachte heeft de auto onder zich gehouden zonder de koopsom te voldoen. Onder deze omstandigheden heeft verdachte naar het oordeel van het hof, zonder daartoe gerechtigd te zijn, als heer en meester over de auto beschikt. Anders dan de raadsman is het hof van oordeel, dat verdachte de Kia Carens opzettelijk zich heeft toegeëigend.
Aan het voorgaande doet niet af dat door en namens verdachte naar voren is gebracht dat hij op 4 december 2012 vanwege persoonlijke en financiële problemen de koopsom niet kon voldoen alsmede de omstandigheid dat [benadeelde 1], zowel ter terechtzitting in hoger beroep als getuige maar ook in een schriftelijke verklaring te kennen heeft gegeven dat een en ander zou berusten op een miscommunicatie. Evenmin acht het hof aannemelijk dat [benadeelde 1], zoals hij ter terechtzitting in hoger beroep als getuige heeft verklaard en door de verdediging is gesteld, de bedoeling had aangifte te doen van vermissing van de auto. Immers, [benadeelde 1] heeft na het indienen van de aangifte eveneens klacht gedaan van die verduistering bij de hulpofficier van justitie met het uitdrukkelijke verzoek strafvervolging te doen instellen tegen verdachte.
Het hof verwerpt dan ook het verweer.
Op grond van de redengevende feiten en omstandigheden, zoals deze volgen uit de hiervoor vermelde bewijsmiddelen, in onderlinge samenhang en verband beschouwd, alsmede de bijzondere overwegingen omtrent het bewijs, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 2, 4 en 5 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:
1.
hij op 03 januari 2013 te Steenderen, gemeente Bronckhorst, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heeft gedwongen tot de afgifte van in totaal 2453,17 euro en een aantal pakjes sigaretten (Marlboro), toebehorende aan [A], welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte, en zijn mededader
- met een bivakmuts op hun hoofden de winkel zijn binnen gekomen en
- zichtbaar voor die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in zijn hand heeft gehouden en dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp gericht (gehouden) op die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] en
- die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] -zakelijk weergegeven- opzettelijk dreigend de woorden hebben toegevoegd: "Ik wil het geld uit de kluis” en "dit duurt te lang" en “dat ze nog sigaretten wilden”;
2.
hij op 10 januari 2013 te Nieuwendijk, gemeente Werkendam, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag van in totaal
1.981,82 euro, toebehorende aan [slachtoffer 3], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte,
- met een bivakmuts op zijn hoofd de supermarkt COOP is binnen gegaan en
- zichtbaar voor die [slachtoffer 3] en [slachtoffer 4] een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in een zijn hand heeft gehouden en (daarbij) opzettelijk dreigend -zakelijk weergegeven- die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 4] de woorden heeft toegevoegd: “de kassa la open” en “Je kan de kassa la toch wel openen” en “Geld, kassa” en “Hebben jullie nog meer” en “Is dit alles” en “Maak deze ook maar open”;
4.
hij op 28 januari 2013 te Waspik, gemeente Waalwijk, tezamen en in vereniging met een ander,
met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een geldbedrag, toebehorende aan [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van bedreiging met geweld tegen
[slachtoffer 8], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken
en
met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door bedreiging met geweld [slachtoffer 8] heeft gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag, toebehorende aan [slachtoffer 6] en [slachtoffer 7], welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte, en zijn mededader
- met een bivakmuts op hun hoofd de supermarkt PLUS zijn binnen gegaan en
- zichtbaar voor die [slachtoffer 8] een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in zijn hand gehouden en dat op een vuurwapen gelijkend voorwerp heeft gericht op die [slachtoffer 8] en (daarbij) opzettelijk dreigend -zakelijk weergegeven- die [slachtoffer 8] de woorden heeft toegevoegd: "maak open" en "gewoon iets aanslaan en dan openen" en "waar is het grote geld" en "pak het even";
5.
hij in de periode van 4 december 2012 tot en met 28 januari 2013 te Gilze opzettelijk een personenauto (Kia Carens), toebehorende aan [benadeelde 2], welk goed verdachte anders dan door misdrijf, te weten met het doel om deze auto te kopen onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend.
Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat hij daarvan zal worden vrijgesproken.
Strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het bewezen verklaarde levert op: