ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ3201
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.M. Aarts
- M.G.W.M. Stienissen
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- Rechtspraak.nl
Kennelijk onredelijke opzegging arbeidsovereenkomst en billijke schadevergoeding
Appellante, een universitair geschoolde werknemer, werd ontslagen door Rolduc op grond van een voorgewende reden. Het hof stelde vast dat het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege een verstoorde arbeidsrelatie en dat appellante daardoor op korte termijn geen vergelijkbaar inkomen kon verwerven.
Een deskundige concludeerde dat de baanzoekduur minimaal negen maanden bedroeg, mede door de arbeidsmarktsituatie en leeftijd van appellante. Het hof oordeelde dat de schadevergoeding niet gebaseerd kon worden op een baangarantie tot de pensioengerechtigde leeftijd, maar op een redelijke periode van maximaal vijf jaar.
De schadevergoeding werd begroot op circa €140.000 bruto, maar vanwege de mate van verwijtbaarheid en de aard van de vergoeding stelde het hof een bedrag van €55.000 bruto vast. Rolduc voerde aan niet meer dan €10.000 te kunnen betalen, maar het hof vond dat Rolduc voldoende financiële middelen had om de vergoeding te voldoen.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde de opzegging kennelijk onredelijk, veroordeelde Rolduc tot betaling van de schadevergoeding met wettelijke rente en in de proceskosten, en wees het meer of anders gevorderde af.
Uitkomst: Rolduc is veroordeeld tot betaling van een bruto schadevergoeding van €55.000,- wegens kennelijk onredelijke opzegging.