ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ1949
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- N.J.M. van Etten
- B.A. Meulenbroek
- M.G.W.M. Stienissen
- Rechtspraak.nl
Berekening en vaststelling legitieme portie bij nalatenschap met positie legitimaris als erfgenaam
In deze civiele procedure staat de berekening van de legitieme portie centraal na het overlijden van de erflaatster in 2008. De erflaatster had bij testament haar vier kinderen tot erfgenamen benoemd, waarbij twee appellanten in de legitieme portie werden gesteld. Er ontstond onenigheid over de omvang van de legitimaire massa en de legitieme vorderingen, mede door geschonken bedragen en legaten.
De rechtbank had eerder de legitimaire massa vastgesteld en de legitieme porties berekend, waarbij de appellanten een vordering tot betaling van hun legitieme porties hadden ingesteld. Het hof heeft de door appellanten aangevoerde grieven onderzocht, waaronder de waardering van de nalatenschap, de verwerking van schenkingen, legaten en inboedelgoederen, en de vraag wie tot betaling gehouden is.
Het hof oordeelt dat ook legaten en inboedelgoederen in mindering moeten worden gebracht op de legitieme portie, waardoor de vorderingen van appellanten worden verlaagd. Tevens wijst het hof de vordering tot betaling door geïntimeerden af, omdat appellanten zelf mede-erfgenamen zijn en de verdeling van de nalatenschap moet plaatsvinden met inachtneming van het arrest. Daarnaast verklaart het hof geïntimeerde sub 1 niet-ontvankelijk in haar reconventionele vordering wegens strijd met artikel 353 lid 1 Rv Pro.
De proceskosten in hoger beroep worden tussen partijen gecompenseerd vanwege de familierelatie en aard van het geschil. Het arrest bekrachtigt verder de eerdere vonnissen, met uitzondering van de aanpassing van de legitieme vorderingen en de afwijzing van de betalingsvordering.
Uitkomst: De legitieme vorderingen van appellanten worden verlaagd en hun vordering tot betaling door geïntimeerden wordt afgewezen.