ECLI:NL:GHSHE:2013:BY8214
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- M. van Ham
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake kennelijk onredelijk ontslag en reorganisatie bij zorginstelling
Appellante was sinds 1984 in dienst bij Radar, een zorginstelling, en werd in 2007 ontheven uit haar functie vanwege reorganisatie en gezondheidsproblemen. Zij leed aan de ziekte van Graves, een chronische schildklierziekte, en voerde aan dat haar ontslag kennelijk onredelijk was vanwege de samenloop van ziekte en reorganisatie.
De rechtbank wees haar vorderingen grotendeels af, behalve enkele loonposten. In hoger beroep voerde appellante meerdere grieven aan, waaronder dat het ontslag onredelijk was, dat Radar onvoldoende had gedaan aan re-integratie, en dat zij recht had op een jubileumuitkering en aanvullende vergoedingen.
Het hof oordeelde dat appellante onvoldoende had onderbouwd dat haar ziekte werkgerelateerd was en dat Radar voldoende had gedaan aan re-integratie. De reorganisatie was niet onrechtmatig en vergelijkingen met collega’s die een vergoeding ontvingen, faalden door gebrek aan bewijs. Wel werd de jubileumuitkering en een bedrag aan te weinig betaalde indexatie toegewezen. De zaak werd verwezen voor nadere berekening van vakantiedagen en wettelijke verhogingen.
Het hof concludeerde dat het ontslag niet kennelijk onredelijk was en dat Radar niet aansprakelijk was voor aanvullende schadevergoedingen. De procedure werd aangehouden voor verdere aktewisseling over de openstaande loonposten.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat het ontslag niet kennelijk onredelijk is en wijst enkele loonvorderingen toe, verwijzend voor nadere berekening.