Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
6.Het verloop van de procedure
- Akte van de zijde van [Bouw- en Timmerbedrijf] waarbij productie 6 in het geding is gebracht;
- Antwoord akte van [appellant].
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak tussen appellant en Bouw- en Timmerbedrijf staat de vraag centraal of een vaststellingsovereenkomst is gesloten ter beëindiging van een geschil dat eerder door de rechtbank was beslecht. Het hof corrigeert eerst een datumfout in het tussenarrest en bespreekt vervolgens de comparitie van partijen en getuigenverhoor.
Appellant had een voorstel gedaan om te schikken voor €15.000, maar dit werd door Bouw- en Timmerbedrijf afgewezen. Bouw- en Timmerbedrijf deed een tegenvoorstel van €42.750 voor finale kwijting. Appellant betaalde uiteindelijk €42.000 zonder voorbehoud, onder vermelding van betaling voor de rechtszaak. Bouw- en Timmerbedrijf hief daarop het beslag op de woning van appellant op, in de veronderstelling dat partijen eruit waren.
Het hof oordeelt dat uit het gedrag van partijen en het ontbreken van tegenbewijs blijkt dat een vaststellingsovereenkomst met finale kwijting is gesloten. Het feit dat appellant het hogere bedrag van €42.750 had afgewezen doet hieraan niet af. Daarom verklaart het hof appellant niet-ontvankelijk in het hoger beroep en veroordeelt hem in de proceskosten.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens het sluiten van een vaststellingsovereenkomst met finale kwijting na betaling van €42.000.