Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5.Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 14 augustus 2012;
- de memorie van grieven;
- de memorie van antwoord in principaal appel tevens memorie van grieven in voorwaardelijk incidenteel appel (met vier producties);
- de memorie van antwoord in incidenteel appel;
6.De verdere beoordeling
“- Conform (....) wordt een onderscheid gemaakt tussen de koopsom voor het perceel (...) en de schade waarvoor primair de gemeente Weert het aanspreekpunt is (toev. hof: planschade/ nadeelcompensatie
).- Het voorstel voor het inschakelen van 3 deskundigen (1 aan te wijzen door BAM/gemeente, 1 aan te wijzen door u en 1 aan te wijzen door de andere 2 deskundigen) wordt tot uitvoering gebracht. (...)- De 3 deskundigen brengen een bindend advies uit voor de (...) koopsom/onteigeningssom van de grond. (...) ”
“Wij hebben onze deskundige reeds 7 april 2010 aan u kenbaar gemaakt. Fase 2 (toev. hof: vlg BAM/de gemeente de hiervoor omschreven procedure
) stagneert echter doordat u alleen maar vertraagt en uw deskundige nog altijd niet aan ons kenbaar heeft gemaakt. (..) Reeds diverse malen heeft u aangegeven dit wel te gaan doen, zo ook in ons laatste overleg d.d. 25 juni 2010, waarin u uitdrukkelijk heeft toegezegd uiterlijk in week 26 uw deskundige aan ons kenbaar te maken. Echter tot op heden heeft u nog altijd verzuimd dit te doen. Wij kunnen ons dan ook niet aan de indruk onttrekken dat u de voortgang in het proces bewust probeert te vertragen en dat u zich onttrekt aan uw verplichtingen zoals deze voortvloeien uit de met u gemaakte afspraken.(..)Gezien de lange doorlooptijd van het proces om te komen tot een deskundige van uw zijde doen wij u hierbij een praktisch voorstel voor het vervolgtraject:- De deskundigen samen benoemen uiterlijk 23 augustus 2010 een derde deskundige.- Indien beide deskundigen er niet in slagen een derde deskundige te benoemen, dan wordt deze bindend voorgedragen door de voorzitter van de kamer van koophandel Limburg.- De drie deskundigen dienen hun bindend advies uiterlijk op 20 september 2010 afgerond te hebben. De drie deskundigen besluiten op basis van meerderheid van stemmen.Indien u niet kunt instemmen met bovenstaande procedure en bijbehorend tijdstraject, verzoeken wij u dit uiterlijk16 juli 2010aan ons schriftelijk kenbaar te maken. Wij zullen ons als dan beraden over de te nemen vervolgstappen.”
“(...) Er is meer aan de hand dan een onteigeningsvraagstuk. (..) Dhr. Tak is van mening dat [architectenbureau] en de gemeente met elkaar om de tafel moeten, bod en tegenbod met elkaar dienen uit te praten en zo tot consensus moeten komen. (...) Wanneer een minnelijk traject (fase 1) niet lukt zal eerst de afhandeling van de aanvraag om bouwvergunning aan de orde zijn. (...) Het gaat om onteigeningswaarde met onkostenvergoedingen, dus méér dan alleen de waarde op grond van volledige schadeloosstelling. (...) Dhr. Tak adviseert om er met de [architectenbureau] zelf uit te komen, dus doorpraten tot overeenstemming is bereikt. (....) Anders kan doorgegaan worden met het traject van bindend advies, maar dit kan juridisch aangevochten worden. Fase 1 is in de ogen van de heer Tak de enige manier om er uit te komen. (....).
”
“Naar onze mening is door uw cliënten (...) en in het overleg op 9 maart 2010 afgesproken dat (...) Wij moeten helaas constateren dat het zover niet is gekomen. (...) We moeten nu constateren dat het traject zoals door u voorgestaan, zijnde komen tot minnelijke verwerving, naar onze mening zeer moeilijk haalbaar is. Door BAM Woningbouw is een bod gedaan van € 473.500,-. Door de heer [vertegenwoordiger architectenbureau] is namens uw cliënten een vraagprijs neergelegd van € 2.000.000,-. (...). desalniettemin zal door BAM aan uw cliënten een nieuwe aanbieding worden gedaan. (...).”