Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[Beheer] Beheer B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
2.[Holding] Holding B.V.,
3.[geintimeerde sub 3.],
Gratiszon B.V.– hierna Gratiszon
-, gevestigd te Halsteren, gemeente Bergen op Zoom, als gedaagden.
1.Het geding in eerste aanleg (zaak/rolnr. 646639 CV EXPL 11-1219)
2.Het geding in hoger beroep
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
eigenlijkedoorbraak van de aansprakelijkheid. De wettelijke grondslag hiervoor is volgens [appellant] artikel 2:11 BW Pro. Subsidiair baseert [appellant] de hoofdelijke aansprakelijkheid van [geintimeerden c.s.] op een zogenaamde
oneigenlijkedoorbraak op grond van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW Pro). Tevens geldt volgens hem een aansprakelijkheid wegens vereenzelviging (rov. 2.8 vonnis 4 januari 2012). De kantonrechter heeft deze vorderingen afgewezen.
zijnberoep of bedrijf als bedoeld in artikel 7:658 lid 4 BW Pro. De door [geintimeerde sub 3.] gegeven instructies zijn kennelijk gegeven in zijn hoedanigheid van indirect directeur van Gratiszon, namelijk via [Beheer] Beheer en [Holding] Holding. [geintimeerde sub 3.] handelde aldus als werknemer. Het is rechtens dan ook niet [geintimeerde sub 3.] die [appellant] arbeid heeft laten verrichten, maar [X.] B.V., Gratiszon of [Beheer] Beheer.