ECLI:NL:GHSHE:2012:BY7060
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- R.R.M. de Moor
- M. van Ham
- Rechtspraak.nl
Voortzetting arbeidsovereenkomst na 18 maart 2007 zonder tegenspraak volgens artikel 7:668 lid 1 BW
Op 18 september 2006 trad appellant in dienst bij geïntimeerde op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van zes maanden. De kern van het geschil is of deze overeenkomst na 18 maart 2007 zonder tegenspraak is voortgezet voor wederom bepaalde duur.
Partijen verschillen van mening over de aard en omvang van de werkzaamheden die appellant na 18 maart 2007 heeft verricht. Appellant stelt dat hij werkzaamheden heeft voortgezet zoals voorheen, terwijl geïntimeerde betoogt dat appellant na die datum alleen nog lopende zaken heeft afgehandeld en geen nieuwe zaken meer heeft aangenomen, conform een gesprek op 13 maart 2007 waarin werd aangegeven het contract slechts met drie maanden te verlengen voor afronding.
Appellant heeft de voorgestelde verlengingen van het contract niet ondertekend, terwijl geïntimeerde dit ontkent. Het hof laat geïntimeerde toe bewijs te leveren dat zij vóór 18 maart 2007 aan appellant heeft medegedeeld dat de arbeidsovereenkomst niet werd verlengd en dat een nieuw contract enkel diende voor afronding van lopende zaken.
De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering, waaronder mogelijk getuigenverhoren onder leiding van een raadsheer-commissaris. Dit arrest is gewezen door drie raadsheren en op 18 december 2012 uitgesproken.
Uitkomst: Het hof staat bewijslevering toe over niet-verlenging van de arbeidsovereenkomst en houdt verdere beslissing aan.