ECLI:NL:GHSHE:2012:BY5033
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- C.A.M. Walsteijn
- W.A. van Veen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over terugwerkende kracht salarisverhoging in pensioenberekening
Appellante, voormalig werknemer van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC), ontving een invaliditeitspensioen gebaseerd op een salaris dat niet was aangepast aan een met terugwerkende kracht toegekende salarisverhoging per 1 januari 2003. Zij vorderde dat het pensioenfonds ABP het pensioengevend inkomen zou aanpassen en het invaliditeitspensioen herberekend zou worden op basis van het hogere salaris.
De kantonrechter wees de vordering af op grond van het peildatumsysteem dat sinds 1996 geldt, waarbij salarisverhogingen met terugwerkende kracht buiten beschouwing blijven. Appellante ging hiertegen in hoger beroep en verwees naar een arrest van de Hoge Raad van 8 oktober 2010, waarin werd bepaald dat een redelijke uitleg van het pensioenreglement vereist is en dat terugwerkende kracht moet worden toegepast indien de werkgever rechtmatig handelde.
Het hof stelde vast dat appellante zich in een bijzondere situatie bevindt waarbij het niet toepassen van de terugwerkende kracht leidt tot een onherstelbaar financieel nadeel. Omdat de werkgever met de salarisverhoging handelde overeenkomstig zijn rechtsplicht, oordeelde het hof dat het ABP het hogere salaris met terugwerkende kracht in de pensioengrondslag moet betrekken. Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde het ABP tot aanpassing van het pensioengevend inkomen, herberekening van het invaliditeitspensioen, verstrekking van een herzien pensioenoverzicht, betaling van buitengerechtelijke kosten en wettelijke rente, en veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof veroordeelt het ABP tot aanpassing van het pensioengevend inkomen met terugwerkende kracht en herberekening van het invaliditeitspensioen.