ECLI:NL:GHSHE:2012:BX9931
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- O.G.H. Milar
- P.A.J.Th. van Teeffelen
- A.E. van Solinge
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omgangsregeling moeder en dochter met kind wegens belang kind en onvoldoende vertrouwen
De moeder en haar dochter hebben bij de rechtbank en in hoger beroep verzocht om een omgangsregeling met het kind van de vader, dat bij hem woont. De rechtbank wees dit verzoek af vanwege onvoldoende rust voor het kind en mogelijke verwarring door omgang met de dochter. Het hof bevestigt dit oordeel en benadrukt dat het kind, een kwetsbaar meisje, behoefte heeft aan een rustige en stabiele omgeving.
Het hof stelt vast dat de moeder onvoldoende heeft aangetoond dat zij betrouwbaar is geworden, ondanks het volgen van mentalisatietraining en therapieën. De gedragingen uit het verleden en het niet meewerken aan begeleide omgang wegen zwaar. De raad voor de Kinderbescherming adviseert dat de moeder moet aantonen dat zij veranderd is voordat een omgangsregeling kan worden overwogen.
Ook het verzoek tot omgang tussen de dochters wordt afgewezen vanwege risico op onrust en verwarring bij het kind. Het hof acht het op dit moment voorbarig om partijen te verwijzen naar forensische mediation. Het belang van het kind staat voorop en de moeder kan na een jaar een hernieuwd verzoek indienen met bewijs van positieve gedragsverandering.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot omgangsregeling af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.