ECLI:NL:GHSHE:2012:BX9758
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- M. van Ham
- Rechtspraak.nl
Bevestiging opheffing beslag wegens geen feitelijke overtreding concurrentiebeding
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de geïntimeerde, voormalig werknemer, het concurrentiebeding had overtreden door na beëindiging van haar dienstverband activiteiten te verrichten via de onderneming Daniëlle’s Hairvision. De appellant, voormalig werkgever, had beslag gelegd wegens vermeende overtreding en verbeurde dwangsommen.
De kantonrechter had in kort geding het verbod opgelegd aan de geïntimeerde om haar activiteiten te staken en dwangsommen opgelegd. Het hof oordeelde dat het verbod niet zo ruim mocht worden uitgelegd dat sluiting of verkoop van de onderneming vereist was. Vast stond dat de geïntimeerde na 16 juni 2011 niet meer in de winkel werkzaam was geweest en dat de winkel tijdelijk gesloten was geweest.
De appellant stelde dat de onderneming feitelijk door de geïntimeerde werd gedreven en dat sprake was van een schijnconstructie om het concurrentiebeding te omzeilen. Het hof vond deze stelling onvoldoende onderbouwd en verwierp het bewijsaanbod. Gelet op de feiten was er geen aanwijzing dat de geïntimeerde na 16 juni 2011 feitelijke activiteiten had verricht die het concurrentiebeding schonden.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de voorzieningenrechter dat het beslag moest worden opgeheven en veroordeelde de appellant in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en bevestigt de opheffing van het beslag wegens geen feitelijke overtreding van het concurrentiebeding.