ECLI:NL:GHSHE:2012:BX7628
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- N.J.M. van Etten
- B.A. Meulenbroek
- I.B.N. Keizer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schorsing uitvoerbaarheid bij voorraad en zekerheidstelling in echtscheidingsincident
Partijen zijn na het sluiten van huwelijkse voorwaarden in 1992 getrouwd en in 2007 gescheiden. De huwelijkse voorwaarden sloten gemeenschap van goederen uit en bepaalden jaarlijkse verrekening van inkomsten, waarvan partijen geen uitvoering hebben gegeven.
De rechtbank veroordeelde de man tot betaling van € 93.466,- aan de vrouw en legde een dwangsom op voor het verstrekken van pensioenvereveningsgegevens, met uitvoerbaarheid bij voorraad. De man stelde in hoger beroep dat het bewijsvermoeden van artikel 1:141 lid 3 BW Pro onterecht niet was weerlegd en dat de dwangsom en executie onrechtmatig waren.
Het hof oordeelt dat de beoordeling van het bewijsvermoeden in het hoger beroep in de hoofdzaak thuishoort en niet in het incident. Er zijn geen nieuwe omstandigheden die schorsing van de uitvoerbaarheid rechtvaardigen. Ook is onvoldoende gemotiveerd waarom zekerheidstelling vereist zou zijn, aangezien er huwelijksvermogen is dat nog verdeeld moet worden.
De vorderingen tot schorsing en zekerheidstelling worden afgewezen. De beslissing over de proceskosten wordt aangehouden tot de einduitspraak in de hoofdzaak. De zaak wordt verwezen voor memorie van grieven van de man.
Uitkomst: De vorderingen tot schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad en tot zekerheidstelling worden afgewezen.