ECLI:NL:GHSHE:2012:BW7294
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.M. Aarts
- C.A.M. Walsteijn
- R.R.M. de Moor
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vernietigbaarheid beëindigingsovereenkomst wegens dwaling door niet-melding nevenactiviteiten
De werknemer was sales manager bij Microplus en bezocht scholen om apparatuur te verkopen. Na beëindiging van het dienstverband ontving hij een vergoeding van € 37.000 bruto. Microplus ontdekte later dat de werknemer via een door hem opgerichte besloten vennootschap betrokken was bij een transactie met een school, waarbij soortgelijke apparatuur werd geleverd.
Microplus stelde dat de beëindigingsovereenkomst vernietigbaar was wegens dwaling, omdat de werknemer zijn nevenactiviteiten en betrokkenheid bij de transactie niet had gemeld. De kantonrechter wees dit af, maar het hof oordeelde anders. Het hof stelde vast dat de werknemer indirect zeggenschap had in de vennootschappen die de transactie uitvoerden en dat hij dit had moeten melden tijdens de onderhandelingen.
Het hof achtte de verklaring van de werknemer ongeloofwaardig en concludeerde dat Microplus bij kennis van deze feiten de overeenkomst niet onder dezelfde voorwaarden zou hebben gesloten. Daardoor is de overeenkomst vernietigbaar en moet de werknemer de vergoeding terugbetalen. De vordering tot schadevergoeding wegens gederfde winst werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De vorderingen tegen de vennootschappen werden eveneens afgewezen. De proceskosten werden aan de werknemer opgelegd.
Uitkomst: De werknemer moet de beëindigingsvergoeding van € 37.000 terugbetalen wegens dwaling door niet-melding van nevenactiviteiten.