ECLI:NL:GHSHE:2011:BU4090
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.Th. Begheyn
- Th.C.M. Hendriks-Jansen
- M.J. van Laarhoven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing van schorsing tenuitvoerlegging ontruimingsvonnis wegens geen nieuwe omstandigheden
In deze civiele procedure ging het om een incident tot schorsing van de tenuitvoerlegging van een ontruimingsvonnis betreffende een koetshuis behorende bij een villa, eigendom van een stichting en beheerd door een vastgoedmaatschappij. De directeur/eigenaar van een onderneming had met toestemming tijdelijk in het koetshuis gewoond, maar werd na opzegging van het gebruiksrecht gesommeerd het pand te verlaten.
De eiser in het incident vorderde schorsing van de tenuitvoerlegging op grond van misbruik van recht, omdat de rechtbank volgens hem onterecht bevoegd was verklaard en omdat hij in een noodtoestand verkeerde door financiële en psychische problemen. Het hof overwoog dat de vorderingen niet onder huur vielen en dat er geen sprake was van een juridische misslag. Tevens waren de door eiser aangevoerde omstandigheden niet nieuw, maar bestonden deze al ten tijde van de eerdere uitspraak.
Daarom werd de incidentele vordering afgewezen en werd eiser veroordeeld in de proceskosten. De hoofdzaak werd verwezen naar een latere rolzitting voor memorie van grieven. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2011.
Uitkomst: De vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het ontruimingsvonnis wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe omstandigheden en juridische misslag.