ECLI:NL:GHSHE:2011:BU2085
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.Th. Begheyn
- Th.C.M. Hendriks-Jansen
- A.S. Arnold
- Rechtspraak.nl
Geschil over borgtochtverplichtingen en gevolgen faillissement kwekerij
In deze civiele zaak staat centraal of [X.] is ontslagen van zijn borgtochtverplichtingen jegens Rabobank, die borg stond voor leningen aan zijn zoons en hun kwekerij. Rabobank had de financiering opgezegd na executoriaal beslag en het niet vestigen van hypotheek op onroerend goed in Frankrijk. [X.] stelde dat hij door een overeenkomst met de curator en Rabobank was ontslagen van zijn borgtochtverplichtingen.
De rechtbank wees de vordering van Rabobank af en oordeelde dat Rabobank kwijting had verleend. Het hof stelde vast dat de definitieve overeenkomst van 21 december 2006, anders dan de conceptversie, geen bepaling bevatte over het vervallen van de borgtochten en dat Rabobank geen partij was bij die overeenkomst. Het hof oordeelde dat de bewijslast rust op [X.] om aan te tonen dat hij was ontslagen van zijn borgtochtverplichtingen.
Daarnaast verwierp het hof het verweer van [X.] dat Rabobank de financiering ten onrechte had opgezegd, omdat beslaglegging en het niet nakomen van zekerheidsvoorwaarden daartoe recht gaven. Ook betwistte [X.] de hoogte van de schuld, maar het hof vond het bewijs van Rabobank overtuigend. Het hof gelastte bewijslevering door getuigen en hield verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan en gelast bewijslevering over het ontslag van de borgtochtverplichtingen van [X.] jegens Rabobank.