ECLI:NL:GHSHE:2011:BT7369
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- L.Th.L.G. Pellis
- Th.A. Pouw
- J.H.Th. Veldman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw zijn en recidive
De zaak betreft het hoger beroep van [X.] tegen de afwijzing van zijn verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling door de rechtbank. De rechtbank had geoordeeld dat [X.] niet te goeder trouw was ten aanzien van het ontstaan en onbetaald laten van schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek, mede vanwege schulden voortvloeiend uit onherroepelijke veroordelingen voor misdrijven.
[X.] erkent het niet te goeder trouw ontstaan van schulden, maar stelt dat inmiddels meer dan vijf jaar zijn verstreken en dat hij zich inspant om zijn leven te beteren en schulden af te lossen. Hij voert aan dat hij maandelijks aflost op diverse schulden en dat hij ondersteuning krijgt van de gemeente en een sociale werkplaats om zijn situatie te verbeteren.
Het hof stelt vast dat ondanks enkele aflossingen onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat [X.] in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek te goeder trouw is geweest. Daarnaast is gelet op het recidivegedrag en de ernst van de gepleegde misdrijven, waaronder autodiefstal, sprake van een langere termijn dan vijf jaar voor het niet toewijzen van de regeling. Het beroep op de hardheidsclausule wordt niet onderbouwd, omdat onvoldoende bewijs is geleverd dat de omstandigheden die tot de schulden hebben geleid onder controle zijn.
Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling af. [X.] wordt verwezen naar een eventuele nieuwe aanvraag met betere onderbouwing.
Uitkomst: Het verzoek tot toelating tot de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onvoldoende goed vertrouwen en recidivegedrag.