ECLI:NL:GHSHE:2011:BR4288
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.M. Aarts
- C.E.L.M. Smeenk-van der Weijden
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- Rechtspraak.nl
Geen dringende reden voor ontslag op staande voet bij accountmanager
De zaak betreft het hoger beroep van Etesmi B.V. tegen het vonnis van de rechtbank Breda waarin het ontslag op staande voet van werknemer [X.] nietig werd verklaard. [X.] was sinds 1 december 2008 voor zes maanden in dienst als accountmanager/projectadviseur. Op 11 maart 2009 werd hij op staande voet ontslagen wegens vermeende schendingen van arbeidsafspraken, waaronder onjuiste rapportages en het niet nakomen van plichten.
Etesmi stelde dat er dringende redenen waren voor het ontslag, waaronder een valse rapportage over 12 februari 2009 en andere gedragingen. Het hof oordeelde echter dat de door Etesmi aangevoerde redenen onvoldoende concreet en bewezen waren. De stelplicht en bewijslast voor het bestaan van een dringende reden lagen bij Etesmi, die geen overtuigend bewijs leverde.
Ook het tweede, voorwaardelijke ontslag op staande voet van 13 maart 2009 werd niet als rechtsgeldig beoordeeld. Het hof bevestigde dat het loon aan [X.] betaald moest worden tot het einde van de arbeidsovereenkomst op 1 juni 2009. Daarnaast werd Etesmi veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest bekrachtigt het eerdere vonnis en verklaart Etesmi niet-ontvankelijk in haar beroep tegen de verbetering van het vonnis.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet van [X.] is nietig verklaard en Etesmi moet het loon betalen tot het einde van de arbeidsovereenkomst.