ECLI:NL:GHSHE:2011:BR0638
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid minderjarige in hoger beroep tegen ondertoezichtstelling
In deze zaak heeft een minderjarige, vertegenwoordigd door zijn vader, hoger beroep ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank waarin hij onder toezicht werd gesteld voor zes maanden. Het hof heeft onderzocht of de minderjarige zelfstandig ontvankelijk is in het hoger beroep.
De minderjarige stelde dat hij, met vertegenwoordiging door zijn vader, zelfstandig in hoger beroep mocht komen. De raad en andere betrokken partijen voerden aan dat de wet dit niet toestaat. Het hof overwoog dat de wetgever aan minderjarigen slechts in specifieke gevallen een zelfstandig recht op hoger beroep toekent, zoals bij machtiging tot uithuisplaatsing, maar niet bij ondertoezichtstelling.
Het hof concludeerde dat de minderjarige niet de verzoeker was en ook niet als belanghebbende kon worden aangemerkt voor het hoger beroep. De vertegenwoordiging door een ouder geeft geen zelfstandig recht op hoger beroep aan de minderjarige. Daarom werd het hoger beroep van de minderjarige niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het hof verklaart de minderjarige niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen de ondertoezichtstelling.