ECLI:NL:GHSHE:2009:BP7605
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.J. van der Kaaden
- K.J. van Dijk
- J.G. Sillevis Smitt
- Rechtspraak.nl
Veroordeling diefstal met braak in bedrijfspand op basis van DNA-bewijs
Op 17 juni 2003 werd een inbraak ontdekt in een bedrijfspand te Breda waar een computer, geld en powerplates waren weggenomen. Op de balie van het bedrijf werd een bloedspoor aangetroffen dat door forensisch onderzoek werd gekoppeld aan verdachte. De verdediging voerde aan dat het bloedspoor mogelijk niet van de dader was en dat verwisseling bij het NFI had kunnen plaatsvinden, maar het hof verwierp deze bezwaren vanwege het unieke identiteitszegel en de consistente registratie.
Het hof oordeelde dat het bloedspoor een daderspoor was, aangezien het bloed op een plek lag waar de dader zich had moeten bevinden en de deur vernield was, wat verwonding kon verklaren. Verdachte werd wettig en overtuigend bewezen betrokken bij de diefstal met braak. Gezien zijn eerdere veroordelingen en de ernst van het feit, legde het hof een gevangenisstraf van één maand op, zwaarder dan de eerdere voorwaardelijke straf.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis voor zover het de veroordeling betrof en sprak verdachte vrij van overige tenlasteleggingen. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en de recidive van verdachte, waarbij het hof rekening hield met het tijdsverloop sinds het delict.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot één maand gevangenisstraf voor diefstal met braak in een bedrijfspand.