ECLI:NL:GHSHE:2009:BK3262
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Den Hartog Jager
- Schaafsma-Beversluis
- Kleijngeld
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intensieve begeleiding door bewindvoerder en goedkeuring rekening en verantwoording na overlijden onderbewindgestelde
De zaak betreft een geschil over de rol en vergoeding van een bewindvoerder die intensieve begeleiding en verzorging bood aan een onderbewindgestelde, die vanwege zijn geestelijke toestand niet in staat was zijn vermogensrechtelijke belangen zelf te behartigen. De bewindvoerder werd benoemd in 1997 en heeft tot het overlijden van de onderbewindgestelde in 2003 zijn taken vervuld. De erfgenaam betwistte de hoogte en noodzaak van de kosten die de bewindvoerder in rekening bracht.
Het hof oordeelt dat de bewindvoerder, ondanks dat verzorging en niet-financiële begeleiding niet tot de primaire taken van een bewindvoerder behoren, gerechtigd was deze taken te vervullen en dat dit meegewogen kan worden bij de honorering. De kantonrechter had de rekening en verantwoording over de jaren tot en met 2002 al goedgekeurd, en het hof stelt dat tegen die goedkeuring achteraf geen bezwaar meer gemaakt kan worden, tenzij het gaat om specifieke onderdelen.
Verder oordeelt het hof dat het verzoek van de erfgenaam om opnieuw rekening en verantwoording af te leggen over dezelfde periode niet redelijk is en in strijd met redelijkheid en billijkheid. Ook de specifieke betwisting van uitgaven in 2003, waaronder hypothecaire geldlening en reiskosten, wordt door het hof niet gegrond verklaard. De kantonrechter had de kosten reeds gematigd en het hof bevestigt deze matiging als billijk gezien de omstandigheden.
De beschikking van de kantonrechter wordt in hoger beroep bekrachtigd, waarmee de goedkeuring van de rekening en verantwoording en de matiging van de kosten gehandhaafd blijven.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de goedkeuring van de rekening en verantwoording en bevestigt de matiging van de kosten van de bewindvoerder.