ECLI:NL:GHSHE:2009:BK1780
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- De Groot-van Dijken
- Meulenbroek
- Struik
- Rechtspraak.nl
Pandrecht niet uitwinnen wegens niet-bestaande vordering bij uitwinning
De gemeente Breda verkocht grond aan geïntimeerde voor woningbouw met algemene verkoopvoorwaarden (AV) die onder meer voorschreven dat woningen volgens het GIW-model moesten worden gebouwd en verkocht. Geïntimeerde bouwde echter zonder GIW-garantie en gebruikte niet het GIW koop- en aannemingscontract, wat leidde tot een geschil over wanprestatie en boetebeding.
De rechtbank wees de vorderingen van de gemeente af, onder meer omdat het hof oordeelde dat het bouwtechnische deel van de GIW-regeling strijdig was met artikel 122 van Pro de Woningwet, dat gemeenten verbiedt via privaatrecht aanvullende bouwvoorschriften te stellen. Het hof bevestigde dat alleen het insolventiedeel van de GIW-regeling rechtsgeldig kan worden voorgeschreven.
Geïntimeerde voerde diverse verweren, waaronder dat hij niet als consument kon worden beschouwd en dat de boete buitensporig was. Het hof verwierp deze verweren, matigde de boete echter tot €320.000 vanwege gedeeltelijke nietigheid van het beding en omstandigheden rondom ingebrekestelling.
De gemeente werd in het gelijk gesteld wat betreft wanprestatie en boete, maar de gevorderde buitengerechtelijke kosten en schadevergoeding werden afgewezen. Het arrest werd gewezen door De Groot-van Dijken, Meulenbroek en Struik op 8 september 2009.
Uitkomst: Geïntimeerde is toerekenbaar tekortgeschoten en veroordeeld tot betaling van een gematigde boete van €320.000 met rente en proceskosten.