ECLI:NL:GHSHE:2009:BH2746
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.M.W.M. van den Elzen
- O.M.J.J. van de Loo
- F. van Beuge
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak telen hennep en afwijzing ontnemingsvordering wegens onschuldpresumptie
De veroordeelde werd in eerste aanleg vrijgesproken van het opzettelijk telen, bereiden, bewerken en/of verwerken van hennep, maar wel veroordeeld voor het opzettelijk aanwezig hebben van hennep. De officier van justitie stelde een ontnemingsvordering in, gebaseerd op het vermeende voordeel uit het telen van hennep in de periode van 1 april 2007 tot en met 19 juli 2007.
In hoger beroep bevestigde het hof de vrijspraak van het telen van hennep. Het hof oordeelde dat de ontnemingsvordering niet kan worden toegewezen omdat de onschuldpresumptie, zoals verwoord in artikel 6 lid 2 EVRM Pro, zich verzet tegen het ontnemen van voordeel dat zou zijn verkregen uit feiten waarvan de veroordeelde is vrijgesproken. De advocaat-generaal stelde subsidiair dat de veroordeelde een bedrag van EUR 3.000,- zou hebben ontvangen, maar dit werd door de veroordeelde ontkend en niet aannemelijk gemaakt.
Het hof concludeerde dat niet is komen vast te staan dat de veroordeelde enig voordeel heeft genoten uit het telen van hennep en wees daarom de ontnemingsvordering af. Het vonnis van de politierechter werd bevestigd.
Uitkomst: De veroordeelde is vrijgesproken van het telen van hennep en de ontnemingsvordering is afgewezen wegens de onschuldpresumptie.