ECLI:NL:GHSHE:2008:BC6646
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Aarts
- Venner-Lijten
- Walsteijn
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansprakelijkheid werkgever voor schade na arbeidsongeval met robotarm
Werknemer raakte in november 1998 tijdens schoonmaakwerkzaamheden bij Brabant Components door een robotarm aan zijn hoofd gewond. Hij stelde diverse klachten en aandoeningen vast, waaronder tijdelijke verlamming en netvliesloslating, en vorderde schadevergoeding van zijn werkgever.
De kantonrechter wees de vordering af wegens onvoldoende bewijs van causaal verband tussen het ongeval en de schade. In hoger beroep handhaafde het hof dit oordeel. Hoewel werknemer medische verklaringen overlegde die mogelijke verbanden suggereerden, waren deze te vaag en onvoldoende onderbouwd.
Het hof benadrukte dat de klachten zich verspreid over jaren voordeden en werknemer al binnen een half uur na het ongeval weer aan het werk was, wat het causaal verband verder ondermijnt. De vordering werd daarom afgewezen en werknemer veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van werknemer af wegens onvoldoende aannemelijk gemaakt causaal verband tussen arbeidsongeval en schade.