ECLI:NL:GHSHE:2007:BB9139
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over verdeling gemeenschappelijk banksaldo en medewerking verhuur winkelruimte tussen mede-eigenaren
In deze civiele zaak tussen zus en de erven van haar broer staat de verdeling van het gemeenschappelijk banksaldo en de medewerking aan verhuur van een winkelruimte centraal. De vennootschap onder firma waarin onroerende zaken waren ingebracht, werd geliquideerd met een liquidatiebalans die een kapitaalverhouding van circa 53/47% aangaf. Na liquidatie werd de mede-eigendom voortgezet met een gezamenlijke kapitaalrekening.
De rechtbank had in een deelvonnis een partiële verdeling van het banksaldo vastgesteld op basis van deze 53/47-verhouding. Het hof oordeelt dat tegen dit deelvonnis geen hoger beroep meer openstaat omdat het niet provisioneel van aard is. Het resterende saldo na de liquidatieperiode moet volgens het hof echter bij helfte worden verdeeld, omdat het verschil in kapitaal in 1997 voortkomt uit privé-opnames en niet uit een afwijkende verdeling.
Daarnaast vordert eiseres schadevergoeding wegens vermeende weigering van medewerking aan verhuur van een winkelruimte. Het hof stelt dat mede-eigenaren van elkaar medewerking mogen verlangen, vooral als de winkel leegstaat en kosten veroorzaakt. Echter, de verplichting gaat niet zover dat de ander actief initiatieven moet nemen. Omdat geen concrete weigering of ingebrekestelling is gesteld, wijst het hof de schadevergoeding af.
De proceskosten worden gecompenseerd zodat elke partij haar eigen kosten draagt. Het hof verwijst de zaak voor nadere informatie over het nog te verdelen saldo en houdt verdere beslissingen aan.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het deelvonnis is niet-ontvankelijk en de vordering tot schadevergoeding wegens weigering medewerking verhuur wordt afgewezen.