ECLI:NL:GHSHE:2007:BB7893
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- N. van Beelen
- A.J. van Soest
- J.W. Zwemmer
- Rechtspraak.nl
Geen vrijstelling grondwaterbelasting bij samenhangende putten en teruglevering water
Belanghebbende, actief in duurzame afvalverwerking, gebruikte vier grondwaterputten op haar bedrijfsterrein voor koel- en procesdoeleinden. Hoewel de vergunning oorspronkelijk drie putten betrof, werden in het geschil vier putten gebruikt, elk met een pompcapaciteit onder 10 m3/uur, maar gezamenlijk boven deze grens. De Inspecteur legde een naheffingsaanslag op wegens grondwaterbelasting over de periode 1999-2003, welke belanghebbende betwistte.
Het geschil betrof onder meer of de putten als één inrichting moeten worden beschouwd volgens artikel 3, tweede lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm), waardoor de vrijstelling wegens geringe pompcapaciteit niet zou gelden. Het hof stelde vast dat de putten in elkaars onmiddellijke nabijheid liggen en functioneel en technisch met elkaar verbonden zijn, waardoor zij als één inrichting gelden.
Belanghebbende voerde aan dat zij meer water teruglevert dan onttrekt en dat het onttrekken van grondwater andere milieubelangen dient, wat volgens haar tot vermindering of vernietiging van de naheffingsaanslag zou moeten leiden. Het hof oordeelde dat teruglevering niet aantoonbaar plaatsvindt in hetzelfde watervoerende pakket als waaruit onttrekking plaatsvindt, zoals vereist in artikel 9, tweede lid, Wbm, en dat deze argumenten geen vermindering rechtvaardigen.
Daarnaast verwierp het hof het verweer dat onbekendheid met de Wbm en haar vrijstellingen tot vernietiging van de aanslag zou moeten leiden. Het beroep werd ongegrond verklaard, het griffierecht werd niet teruggegeven en er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de naheffingsaanslag grondwaterbelasting wordt ongegrond verklaard.