ECLI:NL:GHSHE:2007:BB4387
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Brandenburg
- Meulenbroek
- Hutten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot herroeping arrest inzake curator en faillissement
In deze civiele procedure vordert [appellante], als rechtsopvolger van een vennootschap onder firma, de herroeping van een eerder arrest van het hof van 3 oktober 2002. De vordering is gebaseerd op artikel 382 lid Pro c Rv, waarbij wordt gesteld dat een beslissend stuk, de notulen van een aandeelhoudersvergadering van 11 mei 1983, door de curator is achtergehouden.
De curator betwist dat hij over het stuk beschikte of daarvan op de hoogte was en voert aan dat het stuk destijds alleen aan een derde persoon is verstrekt. Het hof overweegt dat de curator weliswaar bekend moet zijn met relevante documenten van de failliete vennootschap, maar dat concrete feiten ontbreken die aantonen dat de curator kennis had van dit specifieke document.
Omdat niet is komen vast te staan dat de curator het stuk heeft achtergehouden, komt de vordering tot herroeping niet voor toewijzing in aanmerking. Ook de overige verweren behoeven geen bespreking meer. [Appellante] wordt veroordeeld in de kosten van de procedure.
Uitkomst: De vordering tot herroeping van het arrest van 3 oktober 2002 wordt afgewezen omdat niet is vastgesteld dat de curator het beslissende stuk heeft achtergehouden.