ECLI:NL:GHSHE:2007:BB1979
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Hof vermindert aanslag inkomstenbelasting wegens onredelijke schatting Inspecteur
Belanghebbende had voor het jaar 1994 een aanslag inkomstenbelasting ontvangen op basis van een geschat belastbaar inkomen van fl. 316.007,=, waarvan fl. 297.282,= was toegerekend als voordeel uit handel in diverse goederen. Deze aanslag werd gehandhaafd na bezwaar. Het hof oordeelt dat de Inspecteur de aanslag heeft vastgesteld op basis van telefoontaps en een proces-verbaal, maar dat deze gegevens onvoldoende bewijs leveren voor de hoogte van de schatting.
Het hof stelt vast dat belanghebbende het aangiftebiljet nagenoeg oningevuld heeft ingediend en dat hij niet de vereiste aangifte heeft gedaan. De Inspecteur mocht daarom een schatting maken, maar deze moet redelijk zijn en gebaseerd op feitelijke gegevens. De door de Inspecteur gehanteerde schatting van fl. 297.282,= acht het hof niet redelijk, mede omdat niet alle tapverslagen een omzet genererende handel aantonen en het proces-verbaal niet meer informatie bevat dan de reeds overgelegde stukken.
Het hof maakt zelf een redelijke schatting van het voordeel uit handel en stelt dit vast op fl. 50.000,=, waardoor het belastbaar inkomen wordt vastgesteld op fl. 68.725,=. Daarnaast veroordeelt het hof de Inspecteur in de proceskosten en gelast vergoeding van het griffierecht aan belanghebbende. Het beroep wordt gegrond verklaard en de aanslag verminderd.
Uitkomst: Het hof vermindert de aanslag inkomstenbelasting 1994 tot een belastbaar inkomen van fl. 68.725,= en veroordeelt de Inspecteur in proceskosten.