ECLI:NL:GHSHE:2007:BB1682
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- De Groot-Van Dijken
- Hofkes
- Rechtspraak.nl
Beëindiging arbeidsongeschiktheidsverzekering na verkoop bedrijf en gevolgen verjaring
Appellant was arbeidsongeschikt verzekerd en had een varkenshouderij met akkerbouw die hij in 1995 verkocht. De verzekeraar beëindigde de verzekering op grond van artikel 23 sub c van Pro de polisvoorwaarden, omdat appellant was opgehouden zijn beroep als landbouwer/veehouder uit te oefenen. Appellant betoogde dat de beëindiging onterecht was omdat de verkoop van het bedrijf het gevolg was van zijn arbeidsongeschiktheid en hij nog wel een beroep uitoefende.
Het hof oordeelde dat de verkoop van het bedrijf niet het gevolg was van arbeidsongeschiktheid maar van financiële problemen. Door de verkoop was appellant in ieder geval gedeeltelijk opgehouden zijn beroep uit te oefenen, waardoor de verzekeraar bevoegd was de verzekering te beëindigen. Appellant had geen feiten gesteld die aantonen dat hij onverkort een zelfstandig beroep bleef uitoefenen.
Verder stelde appellant dat de verzekeraar onzorgvuldig had gehandeld door de verjaring van zijn vordering niet tijdig te stuiten. De rechtbank had aangenomen dat dit een beroepsfout was, maar dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij daardoor schade had geleden. Het hof bevestigde dit oordeel en wees de vorderingen af. Appellant werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De verzekering is terecht beëindigd na verkoop van het bedrijf; de vorderingen wegens beroepsfout en schadevergoeding worden afgewezen.