ECLI:NL:GHSHE:2007:BB0497
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over huurprijs bedrijfsruimte en onzelfstandige bovenwoning met indexeringsclausule
In deze zaak staat de huurprijs van een bedrijfsruimte met onzelfstandige bovenwoning centraal. De verhuurster had de huurprijs willen verhogen per 5 oktober 2000, terwijl de kantonrechter deze juist verlaagde, wat het hof onrechtmatig achtte omdat alleen een verhoging was gevorderd.
De huurprijs van de onzelfstandige bovenwoning dient volgens het hof te worden vastgesteld op basis van de artikelen 7A:1624 e.v. oud BW en niet op grond van de Huurprijzenwet Woonruimte. De waardering van de bovenwoning door deskundigen werd als voldoende gemotiveerd beoordeeld.
De verhuurster vorderde tevens wijziging van de indexeringsclausule, maar het hof oordeelde dat de bestaande clausule nog voldeed en dat de gevorderde wijziging niet toewijsbaar was. Verder stelde het hof vast dat een deel van de huurachterstand verjaard was, maar veroordeelde de huurder tot betaling van onbetaalde huurindexaties vanaf 18 januari 2000 tot 18 januari 2005, inclusief wettelijke rente.
Het hof compenseerde de proceskosten zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het arrest vernietigt het eindvonnis van de kantonrechter en doet opnieuw recht, waarbij de huurprijs per 1 januari 2005 op €1.776,12 wordt vastgesteld.
Uitkomst: Het hof stelt de huurprijs per 1 januari 2005 vast op €1.776,12 en veroordeelt de huurder tot betaling van €22.971,98 plus wettelijke rente.