ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2880
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Waaijers
- Spoor
- Walsteijn
- Rechtspraak.nl
Werkgever aansprakelijk voor val van trapje met beperkte toerekening arbeidsongeschiktheid
Op 29 oktober 1990 is werknemer [X.] gevallen van een trapje door een duwtje van een collega, waarbij hij zijn linkerelleboog verbrijzelde. Werkgever Licom werd aansprakelijk gesteld op grond van artikel 1403 lid 3 BW Pro oud voor de gevolgen van deze val. Na het ongeval heeft [X.] nog vijf jaar aangepast werk verricht, waarna hij in 1996 een myocardinfarct kreeg en volledig arbeidsongeschikt werd verklaard.
De werknemer vorderde vergoeding van schade als gevolg van het ongeval, inclusief de later ontstane arbeidsongeschiktheid. Zowel de kantonrechter als het hof oordeelden dat onvoldoende causaal verband bestond tussen het ongeval en de psychische klachten en het myocardinfarct. De vordering voor de financiële gevolgen van de arbeidsongeschiktheid werd daarom afgewezen.
Wel werden andere schadeposten zoals smartengeld, huishoudelijke hulp en immateriële schadevergoeding toegewezen. Het hof wees de vordering tot vergoeding van inkomensschade na 19 februari 1997 af, omdat de volledige arbeidsongeschiktheid volgens medisch bewijs niet aan het ongeval kon worden toegerekend.
Het hof oordeelde dat de werkgever Licom een bedrag van € 23.136,89 aan [X.] moest voldoen, vermeerderd met wettelijke rente, en wees het meer of anders gevorderde af. De kosten van het hoger beroep werden aan Licom opgelegd.
Uitkomst: Werkgever aansprakelijk voor val van werknemer, maar vergoeding arbeidsongeschiktheid na hartinfarct afgewezen wegens onvoldoende causaal verband.