ECLI:NL:GHSHE:2007:BA2838
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Smeenk-van der Weijden
- Philips
- Draijer-Udo
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging proefomgangsregeling tussen vader en kind ondanks bezwaren moeder
De rechtbank stelde een proefomgangsregeling vast waarbij de vader drie begeleide omgangscontacten met zijn kind zou hebben, gevolgd door begeleide omgang in een omgangshuis. De moeder kwam hiertegen in hoger beroep en voerde aan dat omgang niet in het belang van het kind zou zijn vanwege diens hooggevoeligheid en het ontbreken van contact met de vader gedurende jaren. Tevens stelde zij dat zij geen vertrouwen had in de vader vanwege eerdere mishandeling en dat omgang alleen kon slagen bij goede communicatie tussen ouders.
De vader voerde verweer en stelde dat de omgang onder begeleiding zou plaatsvinden en dat hij bereid was het vertrouwen te herstellen. Het hof verwierp het verweer van de vader dat het hoger beroep niet-ontvankelijk was omdat het een tussenbeschikking betrof. Het hof oordeelde dat het ging om een eindbeslissing met onherroepelijk karakter voor de betreffende periode.
Het hof onderschreef de overwegingen van de rechtbank dat omgang in het belang van het kind is en dat de vader zich coöperatief opstelt. De moeder was bereid tot ouderschapsreorganisatie om vertrouwen te herstellen, maar had tot dan toe niet meegewerkt aan de omgang. Het hof vond dat de proefomgang zonder verdere vertraging kon beginnen gezien de deskundige begeleiding en bekrachtigde de beschikking van de rechtbank.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en handhaaft de begeleide proefomgangsregeling tussen vader en kind.