ECLI:NL:GHSHE:2007:AZ8654
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Smeenk - van der Weijden
- Draijer - Udo
- Philips
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omgangsverzoek vader wegens ernstige bezwaren van minderjarige dochters
De vader verzocht de rechtbank om een omgangsregeling met zijn twee minderjarige dochters, die door de moeder worden opgevoed en onder toezicht staan. De dochters, toen 14 en 17 jaar oud, gaven tijdens een minderjarigenverhoor aan geen omgang met hun vader te willen vanwege seksueel grensoverschrijdend gedrag uit het verleden, dat de vader ontkent maar waarvan de rechtbank oordeelde dat het heeft plaatsgevonden.
De rechtbank wees het verzoek af omdat omgang niet in het belang van de kinderen is. De vader ging hiertegen in hoger beroep en stelde onder meer dat hij onterecht werd beschuldigd en dat het belang van de kinderen om hun vader te leren kennen onvoldoende werd meegewogen. De stichting Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming adviseerden eveneens afwijzing, stellende dat de kinderen duidelijke eigen mening hebben en dat gedwongen omgang schadelijk zou zijn.
Tijdens de zitting verklaarden de dochters dat zij geen contact met hun vader wensen vanwege angst en pijn over het verleden. Het hof oordeelde dat de ernstige bezwaren van de kinderen gegrond zijn en dat het opleggen van een omgangsregeling niet in hun belang is. Het hof bekrachtigde daarom de beschikking van de rechtbank en compenseerde de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de afwijzing van het omgangsverzoek van de vader vanwege gegronde ernstige bezwaren van de minderjarige dochters.