ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ4472
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Bijleveld-van der Slikke
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap en afwijzing vordering vervangende schadevergoeding kinderkamer
Partijen waren gehuwd in algehele gemeenschap van goederen en zijn sinds 11 september 2001 gescheiden gaan leven. De echtscheiding werd op 29 november 2002 ingeschreven. In hoger beroep stond de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap centraal, met name het saldo van een spaarrekening, een geldlening van de moeder van de man en de inrichting van de kinderkamers.
Het hof bevestigde dat de peildatum voor de omvang van de te verdelen gemeenschap in beginsel de datum van ontbinding van het huwelijk is, tenzij partijen anders overeenkomen. Hier was sprake van een gescheiden financiële huishouding vanaf het moment van uit elkaar gaan, waardoor inkomsten en aankopen daarna buiten de verdeling vielen. Het spaarsaldo dat op de dag van uit elkaar gaan werd opgenomen, bleek op de peildatum nihil, zodat de vordering van de man werd afgewezen. De vrouw mocht de bestedingen uit dat saldo niet worden verweten als verspilling.
De vrouw vorderde vergoeding van de helft van de kosten van een nieuwe kinderkamerinrichting, omdat de man weigerde de oude af te staan. Het hof oordeelde dat geen juridische grond bestond voor deze vordering, noch op basis van verdeling noch op grond van onrechtmatige daad. De rechtbank had de vordering ten onrechte toegewezen.
De geldlening van de moeder van de man werd bewezen geacht en moest worden verdeeld. De vrouw kon geen tegenbewijs leveren en haar argumenten werden verworpen. De proceskosten werden gecompenseerd omdat partijen deels in het ongelijk werden gesteld. Het hof vernietigde de vonnissen voor zover zij het spaarsaldo en de schadevergoeding betroffen en wees de vorderingen af, bekrachtigde de rest en veroordeelde de vrouw tot betaling van een overbedelingsvergoeding aan de man.
Uitkomst: De vorderingen van de vrouw tot vergoeding van de kinderkamerinrichting en het spaarsaldo worden afgewezen; de vrouw moet een overbedelingsvergoeding aan de man betalen.