ECLI:NL:GHSHE:2006:AY8573
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- N.J.L.M. Tuijn
- J.M.W.M. van den Elzen
- W.E.C.A. Valkenburg
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en oplegging betalingsverplichting ter ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel bij medeplegen moord
In deze zaak heeft het Gerechtshof 's-Hertogenbosch het vonnis van de rechtbank Maastricht vernietigd en opnieuw recht gedaan omtrent de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel van de veroordeelde, veroordeeld voor medeplegen van moord. De veroordeelde ontving een vergoeding van €15.000 voor het uitvoeren van de moord, waarvan €1.500 werd afgetrokken wegens bemiddelingskosten. De kosten van het gebruikte vuurwapen van €500 werden niet in mindering gebracht.
Het hof oordeelde dat het resterende bedrag van €13.000, dat de veroordeelde gebruikte voor het aflossen van een schuld aan zijn ex-echtgenote, niet tot een lagere betalingsverplichting leidt, omdat het doel van de ontnemingsmaatregel is het herstel van de financiële situatie van de veroordeelde vóór het wederrechtelijk handelen. Het hof achtte aannemelijk dat de veroordeelde na detentie in staat zal zijn de betalingsverplichting te voldoen, mede gezien de verjaringstermijnen en mogelijkheden tot uitstel en kwijtschelding.
De betalingsverplichting wordt daarom vastgesteld op €13.500 en opgelegd aan de veroordeelde ten behoeve van de Staat. Het arrest werd uitgesproken door een meervoudige kamer op 20 september 2006.
Uitkomst: Het hof legt de veroordeelde een betalingsverplichting van €13.500 op ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.