ECLI:NL:GHSHE:2006:AY8200
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Begheyn
- Hendriks-Jansen
- Pijnacker Hordijk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aansprakelijkheid advocaat voor verzuim stuiting verjaring bij gedwongen psychiatrische opname
Appellant was tussen 1968 en 1974 gedwongen opgenomen in het psychiatrisch ziekenhuis Wolfheze. Hij stelde dat de opname en de verlengingen daarvan onrechtmatig waren omdat de diagnose van krankzinnigheid onjuist was gesteld en dat de Staat aansprakelijk was wegens schending van procedurele rechten volgens het EVRM. Appellant vorderde schadevergoeding van zijn advocaat omdat deze naliet de verjaring van zijn vorderingen tegen het ziekenhuis en de Staat tijdig te stuiten.
De rechtbank oordeelde dat de verjaring tijdig was gestuit, maar wees de vordering af omdat het ziekenhuis en de Staat niet onrechtmatig hadden gehandeld. In hoger beroep bevestigde het hof dat de diagnose en behandeling destijds medisch verantwoord waren en dat het onrechtmatig handelen van de Staat inzake procedurele tekortkomingen was verjaard. Het hof stelde dat de advocaat geen schade had veroorzaakt door het verzuim omdat de vordering tegen de Staat reeds was verjaard toen de advocaat werd ingeschakeld.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant in de kosten van het geding. Het verzoek tot een nieuw psychiatrisch onderzoek werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Daarmee is de aansprakelijkheid van de advocaat voor het niet stuiten van de verjaring verworpen.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van appellant af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.