ECLI:NL:GHSHE:2006:AV4210
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Smeenk-van der Weijden
- Draijer-Udo
- Van Zinnen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing omgangsregeling tussen broers wegens gebrek aan communicatie en psychische draagkracht ouders
In deze zaak stond de omgang tussen de broers X en Y centraal, waarbij X in hoger beroep ging tegen de afwijzing van zijn verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling. De rechtbank had eerder geoordeeld dat het belang van Y bij rust in zijn thuissituatie zwaarder woog dan het belang van X om contact te hebben met zijn broer.
Het hof overwoog dat de omgang van Y met X afhankelijk is van twee essentiële voorwaarden: een goede communicatie tussen de ouders en hun toestemming voor ongestoord contact. Forensische mediation werd gezien als de enige mogelijkheid om de communicatie te herstellen, maar de moeder bleek psychisch niet in staat om dit traject te doorlopen. Hierdoor konden de voorwaarden niet worden vervuld.
Daarnaast speelde een groot loyaliteitsconflict bij beide jongens, waarbij Y recent hulp kreeg vanwege stressklachten. Het hof vond dat er eerst rust moest komen in het gezin van moeder en Y. Het belang van Y verzet zich tegen omgang met X, waardoor het hof het verzoek van X afwees.
Het hof benadrukte dat ouders individueel hulp moeten zoeken om communicatie te herstellen en dat pas daarna mogelijkheden voor omgang kunnen ontstaan. Het verzoek tot onderzoek naar opvoedcapaciteiten werd afgewezen omdat het ging om herstel van communicatie. Het hof moedigde X, Y en hun ouders aan om via digitale middelen contact te onderhouden zolang omgang niet mogelijk is.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot vaststelling van een omgangsregeling tussen de broers af wegens het ontbreken van goede communicatie tussen ouders en onvoldoende psychische draagkracht van de moeder.