ECLI:NL:GHSHE:2005:AU6750
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Huijbers-Koopman
- De Klerk-Leenen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aansprakelijkheid vervoerder begint na inontvangstneming goederen volgens CMR-Verdrag
In deze zaak stond centraal of de vervoerder Cargold de goederen al in ontvangst had genomen voordat de oplegger met de lading werd gestolen op het terrein van appellant. Het hof stelde vast dat volgens artikel 17 lid 1 van Pro het CMR-Verdrag de aansprakelijkheid van de vervoerder pas begint na ontvangst van de goederen.
Appellant voerde aan dat de aansprakelijkheid van FDI/Cargold was aangevangen vanaf het moment dat de vrachtbrieven door de chauffeur werden meegenomen, maar het hof oordeelde dat het meenemen van vrachtbrieven zonder daadwerkelijke ontvangst van de goederen onvoldoende is om aansprakelijkheid te doen ontstaan. De oplegger met de goederen stond nog op het terrein van appellant en was niet door de vervoerder afgehaald.
De rechtbank had appellant's vordering afgewezen omdat de goederen niet in ontvangst waren genomen en appellant ernstige nalatigheid te verwijten viel. Het hof bevestigde deze overwegingen en verwierp alle grieven van appellant, bekrachtigde het vonnis en veroordeelde appellant in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof wijst het hoger beroep af en bekrachtigt het vonnis dat de aansprakelijkheid van de vervoerder pas aanvangt na inontvangstneming van de goederen.