ECLI:NL:GHSHE:2005:AU1631
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W. van der Voort
- J. Swinkels
- F. Sonneveldt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voornemen en overgangstijdstip omzetting onderneming in besloten vennootschap
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van zijn verzoek om toepassing van artikel 18 van Pro de Wet op de inkomstenbelasting 1964 met ingang van 16 december 2000. Het geschil betreft de vraag of het voornemen tot omzetting van zijn onderneming in een besloten vennootschap en het overgangstijdstip vóór 1 januari 2001 lagen, zodat artikel 18 van Pro toepassing is in plaats van artikel 3.65 van de Wet inkomstenbelasting 2001.
Het hof heeft het bewijs beoordeeld aan de hand van onder meer de intentieverklaring van 15 december 2000, gesprekken tussen belanghebbende, zijn gemachtigde en de Inspecteur, en de feitelijke bedrijfsvoering zoals vastgelegd in diverse brieven en een bedrijfsbezoek. Hoewel de intentieverklaring een voornemen tot oprichting van een besloten vennootschap vermeldt, blijkt hieruit niet dat de onderneming vóór 1 januari 2001 feitelijk voor rekening en risico van de BV werd gedreven.
Het hof concludeert dat belanghebbende zich de nodige vrijheid heeft voorbehouden en dat er geen concreet voornemen tot omzetting en overgangstijdstip vóór 1 januari 2001 is vastgesteld. De stelling dat de onderneming geruisloos is ingebracht, wordt niet aannemelijk geacht. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard. Daarnaast wordt het griffierecht niet vergoed en worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard omdat het voornemen tot omzetting en het overgangstijdstip niet vóór 1 januari 2001 liggen.