ECLI:NL:GHSHE:2005:AT9579
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Drijkoningen
- Den Hartog Jager
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en regres bij bodemverontreiniging benzinetankstation
Appellante en haar vader waren eigenaren van een benzinetankstation dat van 1971 tot 1986 aan Texaco Nederland B.V. werd verhuurd en van 1986 tot 1995 aan geïntimeerde. Na constatering van bodemverontreiniging en daaropvolgende sanering, waarvan de kosten ruim fl. 569.960,08 exclusief BTW bedroegen, vordert appellante regres op geïntimeerde voor het resterende deel van de kosten.
Het hof oordeelt dat de aansprakelijkheid voor de milieuschade niet hoofdelijke aansprakelijkheid inhoudt, maar een verdeling van de draagplicht over de betrokken partijen, gebaseerd op hun exploitatieperiode. De bodemverontreiniging is veroorzaakt door organische brandstofresten en de exploitatie door geïntimeerde beslaat circa 8 van de 40 jaar, wat neerkomt op ongeveer 20% aansprakelijkheid.
Geïntimeerde erkent enige bodemverontreiniging inherent aan de exploitatie, wat onrechtmatig handelen jegens de overheid inhoudt en tevens een tekortkoming in de huurovereenkomst jegens appellante. Het hof wijst op de noodzaak van deskundigenonderzoek om de precieze mate van bijdrage van geïntimeerde aan de bodemverontreiniging en de verdeling van de saneringskosten vast te stellen.
De zaak wordt verwezen naar de rol voor het nemen van nadere akten van partijen, waarna verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De zaak wordt verwezen voor nader deskundigenonderzoek en verdere beslissing aangehouden.