ECLI:NL:GHSHE:2005:AT4366
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Meijer
- P. Fortuin
- B.G. van Zadelhoff
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting over levering hennepstekken
De belanghebbende, ondernemer in kweekmaterialen en handel in hennepstekken, betwistte de naheffingsaanslag omzetbelasting over de levering van hennepstekken met hoog THC-gehalte. Hij stelde dat deze stekken zelf verdovende middelen zijn en daarom niet aan omzetbelasting onderworpen zouden moeten worden. De Inspecteur stelde dat de stekken wel belastbaar zijn omdat zij geen verdovende middelen zijn, maar slechts bestemd zijn om te worden opgekweekt tot planten waaruit verdovende middelen kunnen worden gewonnen.
Tijdens de mondelinge behandeling werden pleitnota's en bewijsstukken overgelegd, waaronder een EU-resolutie en daadwerkelijke hennepstekken. De belanghebbende verwees naar het arrest van de Hoge Raad van 3 januari 2001, waarin werd geoordeeld dat hennepstekken geen verdovende middelen zijn. Het Hof oordeelde dat de stekken zelf geen verdovende middelen zijn, mede omdat zij eerst gedroogd moeten worden om te kunnen worden gerookt, en dat de levering daarom niet buiten de heffing van omzetbelasting valt.
Het Hof bevestigde de naheffingsaanslag en wees het beroep van de belanghebbende af. Er werden geen bijzondere omstandigheden gesteld die tot een andere beslissing konden leiden. Ook werd geen vergoeding van proceskosten toegekend. De uitspraak kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat de levering van hennepstekken omzetbelastingplichtig is en verklaart het beroep ongegrond.