ECLI:NL:GHSHE:2005:AT3376
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Smeenk-van der Weijden
- Draijer-Udo
- Spliet
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vervangende toestemming erkenning en omgangsregeling wegens belangen kind en moeder
De man verzocht vervangende toestemming tot erkenning van zijn dochter en een omgangsregeling op grond van artikel 1:204 lid 3 en Pro 1:377f BW. De dochter is geboren nadat de relatie tussen partijen was verbroken. De vrouw voerde aan dat er geen family life bestond en dat zij mishandeld en misbruikt was door de man. Het hof oordeelde dat de relatie van circa anderhalf jaar samenwonen met toestemming van de vrouw voldoende was om family life aan te nemen.
De rechtbank wees het verzoek van de man af omdat erkenning en omgangsregeling het belang van het kind en de moeder zouden schaden. De vrouw had gedetailleerde processen-verbaal overgelegd van mishandeling, vrijheidsberoving en andere strafbare feiten, waarvan de man de stellingen onvoldoende betwistte. De man was ook strafrechtelijk veroordeeld.
Het hof bevestigde dat het belang van de moeder en het kind zwaarder weegt dan het belang van de man bij erkenning. Er is een reëel risico dat erkenning en omgangsregeling de evenwichtige ontwikkeling van het kind belemmeren vanwege de psychische onrust van de moeder. Het hof verwierp het incidentele beroep van de vrouw over het ontbreken van family life en bekrachtigde het vonnis van de rechtbank. De proceskosten werden gecompenseerd vanwege de relatie tussen partijen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot vervangende toestemming tot erkenning en omgangsregeling af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.