ECLI:NL:GHSHE:2004:AO4012
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Teeffelen
- Van Zinnen
- Van Soest-van Dijkhuizen
- Rechtspraak.nl
Beëindiging partneralimentatie wegens samenwoning op grond van artikel 1:160 BW
Partijen waren gehuwd en later geregistreerd partners, met ontbinding van het partnerschap in 2003. De man was verplicht partneralimentatie te betalen aan de vrouw. Hij stelde dat deze verplichting moest eindigen omdat de vrouw samenwoonde met een derde, de heer X, wat zij betwistte.
Het hof onderzocht de feitelijke situatie en concludeerde dat de vrouw vanaf 1 december 2003 samenwoonde met de heer X in de zin van artikel 1:160 BW Pro. Dit was gebaseerd op onder meer het feit dat de heer X zijn eigen woning had onderverhuurd en feitelijk de meeste tijd bij de vrouw verbleef, zij een affectieve relatie hadden, wederzijdse verzorging plaatsvond en zij een gezamenlijke huishouding voerden.
Het hof vernietigde de eerdere beschikking voor zover deze de partneralimentatie vanaf 1 december 2003 betrof en beëindigde de onderhoudsverplichting per die datum. Daarnaast werd het verzoek van de vrouw tot vergoeding van wettelijke rente over de overbedelingsbedragen afgewezen. De overige onderdelen van de beschikking werden bekrachtigd en de proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: De onderhoudsverplichting van de man jegens de vrouw wordt per 1 december 2003 beëindigd wegens samenwoning van de vrouw met een derde.