ECLI:NL:GHSHE:2003:AO0356
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- den Hartog Jager
- Spoor
- Van Soest-Van Dijkhuizen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bevel tot afgifte minderjarig kind aan gezaghebbende moeder met dwangsom
Partijen hadden een relatie waaruit een minderjarig kind is geboren. De vrouw is met het eenhoofdig gezag belast. De man hield het kind zonder toestemming van de vrouw bij zich, waarna de vrouw een kort geding startte om afgifte te vorderen onder dwangsom. De voorzieningenrechter beval de afgifte en legde dwangsommen op bij niet-naleving. De man stelde zich op het standpunt dat het kind permanent bij hem verbleef en dat het in het belang van het kind was, mede vanwege vermoedens van mishandeling bij de moeder.
Het hof oordeelde dat het kind geacht wordt zijn hoofdverblijf te hebben bij de gezaghebbende moeder, tenzij het belang van het kind zich daartegen verzet. De man kon niet aantonen dat het belang van het kind een verblijf bij de moeder zou schaden. Het hof verwierp het beroep van de man op het ontbreken van spoedeisend belang en concludeerde dat de voorzieningenrechter terecht de afgifte had bevolen en de dwangsommen had opgelegd.
De man had het kind zonder toestemming van de moeder elders ondergebracht en de relatie tussen het kind en de moeder ernstig belast. Het hof benadrukte dat eigenrichting niet past binnen het rechtssysteem. Het vonnis van de voorzieningenrechter werd bekrachtigd en de proceskosten werden gecompenseerd zodat elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de man het kind aan de moeder moet afgeven onder dwangsom, en wijst het hoger beroep van de man af.