ECLI:NL:GHSHE:2003:AH9512
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- Koster-Vaags
- Van Etten
- Drijkoningen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging kort geding over nakoming optieovereenkomst en verrekening geldleningen
In dit hoger beroep staat de nakoming van een optieovereenkomst tussen appellante en geïntimeerde centraal, waarbij geïntimeerde een bedrag van €1.213.814,90 vordert. Appellante voert tegenvorderingen in verband met terugbetaling van geldleningen die aan geïntimeerde zijn verstrekt en aan haar zijn gecedeerd.
Het hof gaat uit van de feiten vastgesteld door de voorzieningenrechter en bevestigt dat appellante reeds circa €1,2 miljoen heeft betaald aan geïntimeerde, onder afgifte van een bankgarantie. Appellante betwist dat de optierechten na beëindiging van het dienstverband nog bestaan, maar het hof oordeelt dat geïntimeerde op grond van de optieovereenkomst afstand heeft gedaan van zijn optierechten tegen vergoeding, zodat de vordering toewijsbaar is.
Verder wijst het hof het beroep van appellante op de Baijings-leer af, omdat de optierechten niet zijn verdisconteerd in de ontbindingsvergoeding. Ook de stelling dat geïntimeerde zich schuldig zou hebben gemaakt aan onoorbare praktijken wordt niet aannemelijk geacht. De verrekening van vorderingen tussen partijen wordt bevestigd, aangezien deze gebaseerd is op onherroepelijke beschikking en akte van cessie. Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en veroordeelt appellante in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter en wijst de vordering van geïntimeerde toe, met veroordeling van appellante in de proceskosten.