ECLI:NL:GHSHE:2003:AF7978
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling fiscale aftrekbaarheid teruggevorderde bijstandsuitkering na beëindiging samenwoning
De belanghebbende, voormalig samenwonende met C, betaalde een bedrag van fl. 27.327,22 aan de gemeente na terugvordering van ten onrechte genoten bijstandsuitkering door C. De Inspecteur verhoogde het belastbaar inkomen met dit bedrag en weigerde aftrek.
De belanghebbende stelde dat deze betaling aftrekbaar was als onderhoudskosten na beëindiging van de gezamenlijke huishouding en beriep zich op het gelijkheidsbeginsel en op strijd met het EVRM en IVBPR. Het hof oordeelde dat de situatie niet vergelijkbaar is met onderhoudsplicht na huwelijk of geregistreerd partnerschap, en dat de wetgever een objectieve rechtvaardiging heeft voor het onderscheid.
Het hof verwierp de beroepen op het gelijkheidsbeginsel en verdragsrecht en concludeerde dat de betaling niet kan worden afgetrokken van het inkomen. Het beroep van de belanghebbende werd ongegrond verklaard en er werden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het beroep van de belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.